Zakelijke rente over vordering op BV

Wanneer de houder van een aanmerkelijk belang in een BV een vordering heeft op de BV valt deze vordering onder de terbeschikkingstellingregeling. Dat houdt in, dat de rente op de vordering progressief belast is. Een eventuele afwaardering van de vordering kan ten laste van het inkomen worden gebracht.

 

Een aanmerkelijk belanghouder die van een andere aandeelhouder een vordering op de BV had overgenomen voor een bedrag van f 1 meende dat de terbeschikkingstellingsregeling niet van toepassing was omdat hij zelf geen geldbedrag aan de BV ter beschikking had gesteld. De inspecteur stelde zich op het standpunt dat sprake was van een reële, rentedragende vordering. Omdat het winstregime van toepassing is op zaken die onder de terbeschikkingstellingsregeling vallen, moest een zakelijke rente berekend worden. Op 1 januari 2001, bij het begin van de terbeschikkingstellingsregeling, had de vordering een waarde in het economische verkeer van f 1.

Hof Amsterdam is van oordeel dat voor de toepassing van de terbeschikkingstellingsregeling op een vordering niet van belang is of de aanmerkelijk belanghouder zelf een bedrag ter beschikking heeft gesteld aan de BV. Ook een lage verkrijgingsprijs van de vordering verhindert toepassing van de terbeschikkingstellingsregeling niet, zolang geen sprake is van een waardeloze vordering.

In zakelijke verhoudingen is het gebruikelijk om rente te betalen over een schuld als vergoeding voor het ter beschikking gestelde geld. De aanmerkelijk belanghouder slaagde er niet in om aannemelijk te maken dat er zakelijke overwegingen waren om geen rente te berekenen.

Het hof volgde de berekening van rente van de inspecteur. Die kwam neer op een rente van 5% over de nominale waarde van de vordering.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Wanneer de houder van een aanmerkelijk belang in een BV een vordering heeft op de BV valt deze vordering onder de terbeschikkingstellingregeling. Dat houdt in, dat de rente op de vordering progressief belast is. Een eventuele afwaardering van de vordering kan ten laste van het inkomen worden gebracht. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Een aanmerkelijk belanghouder die van een andere aandeelhouder een vordering op de BV had overgenomen voor een bedrag van f 1 meende dat de terbeschikkingstellingsregeling niet van toepassing was omdat hij zelf geen geldbedrag aan de BV ter beschikking had gesteld. De inspecteur stelde zich op het standpunt dat sprake was van een reële, rentedragende vordering. Omdat het winstregime van toepassing is op zaken die onder de terbeschikkingstellingsregeling vallen, moest een zakelijke rente berekend worden. Op 1 januari 2001, bij het begin van de terbeschikkingstellingsregeling, had de vordering een waarde in het economische verkeer van f 1.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Hof Amsterdam is van oordeel dat voor de toepassing van de terbeschikkingstellingsregeling op een vordering niet van belang is of de aanmerkelijk belanghouder zelf een bedrag ter beschikking heeft gesteld aan de BV. Ook een lage verkrijgingsprijs van de vordering verhindert toepassing van de terbeschikkingstellingsregeling niet, zolang geen sprake is van een waardeloze vordering. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">In zakelijke verhoudingen is het gebruikelijk om rente te betalen over een schuld als vergoeding voor het ter beschikking gestelde geld. De aanmerkelijk belanghouder slaagde er niet in om aannemelijk te maken dat er zakelijke overwegingen waren om geen rente te berekenen. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Het hof volgde de berekening van rente van de inspecteur. Die kwam neer op een rente van 5% over de nominale waarde van de vordering.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u