Winstuitdeling bij verkoop grond aan BV

Twee broers waren ieder voor 50% aandeelhouder van een BV. De broers waren sinds 1987 eigenaar van een perceel grond dat zij aan de BV verhuurden voor ƒ 20.000 per jaar. Op de grond stond een bedrijfshal. In 2000 liet de BV het perceel gedeeltelijk bestraten. De kosten daarvan waren voor rekening van de BV. Op 27 december 2000 verkochten de broers de grond aan de BV voor ƒ 3.550.000. De inspecteur merkte een deel van de koopprijs aan als winstuitdeling door de BV aan de broers. De broers en de BV hadden de verkoopprijs voor de grond gebaseerd op een taxatierapport, dat was opgemaakt door een taxateur van een gerenommeerd bureau. Een tweede taxateur bevestigde de door de eerste taxateur bepaalde waarde. De rechtbank vond niet aannemelijk dat de prijs die de BV in 2000 betaalde voor de grond hoger was dan de waarde daarvan. Bij de beantwoording van de vraag of de verkoopprijs zakelijk was hield de rechtbank geen rekening met de jarenlang door de BV betaalde onzakelijk lage huur. De inspecteur had deze al gecorrigeerd door het opleggen van een navorderingsaanslag. Deze correctie van de huurprijs door de inspecteur stond niet ter discussie. Wel had rekening gehouden moeten worden met het feit dat de bestrating door de BV was betaald. Dit bedrag had uit de waarde van de grond gehaald moeten worden bij de bepaling van de prijs. Tot dat bedrag achtte de rechtbank een uitdeling aan de broers aanwezig.
Twee broers waren ieder voor 50% aandeelhouder van een BV. De broers waren sinds 1987 eigenaar van een perceel grond dat zij aan de BV verhuurden voor ƒ 20.000 per jaar. Op de grond stond een bedrijfshal. In 2000 liet de BV het perceel gedeeltelijk bestraten. De kosten daarvan waren voor rekening van de BV. Op 27 december 2000 verkochten de broers de grond aan de BV voor ƒ 3.550.000. De inspecteur merkte een deel van de koopprijs aan als winstuitdeling door de BV aan de broers. De broers en de BV hadden de verkoopprijs voor de grond gebaseerd op een taxatierapport, dat was opgemaakt door een taxateur van een gerenommeerd bureau. Een tweede taxateur bevestigde de door de eerste taxateur bepaalde waarde. De rechtbank vond niet aannemelijk dat de prijs die de BV in 2000 betaalde voor de grond hoger was dan de waarde daarvan. Bij de beantwoording van de vraag of de verkoopprijs zakelijk was hield de rechtbank geen rekening met de jarenlang door de BV betaalde onzakelijk lage huur. De inspecteur had deze al gecorrigeerd door het opleggen van een navorderingsaanslag. Deze correctie van de huurprijs door de inspecteur stond niet ter discussie. Wel had rekening gehouden moeten worden met het feit dat de bestrating door de BV was betaald. Dit bedrag had uit de waarde van de grond gehaald moeten worden bij de bepaling van de prijs. Tot dat bedrag achtte de rechtbank een uitdeling aan de broers aanwezig.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u