Wetsvoorstel Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen
De staatssecretaris van Financiën heeft de nota naar aanleiding van het verslag en een nota van wijziging inzake het wetsvoorstel Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen naar de Tweede Kamer gestuurd.
Het wetsvoorstel is op drie punten aangepast.
1. In de regeling voor zogenaamde lucratieve belangen die onderdeel gaat vormen van het resultaat uit werkzaamheid is een verduidelijking aangebracht door aan te geven dat het moet gaan om het totale geplaatste aandelenkapitaal in plaats van het totale aandelenkapitaal.
Daarnaast is de tekst aangepast (“gelet op de feiten en omstandigheden”) om situaties waarin sterk met elkaar samenhangende financiële beloningsinstrumenten, overeenkomsten en juridische bepalingen, die economisch gezien één beloningsinstrument vormen, ook onder de regeling te kunnen laten vallen. Criterium is of dit samenstel zorgt voor een excessief rendement door een hefboomeffect.
Voor mensen die wanneer zij in het bezit zijn van een lucratief belang op het moment dat zij in Nederland gaan wonen, geldt dat zij het vermogensbestanddeel voor de berekening van het resultaat uit overige werkzaamheden mogen stellen op de waarde in het economische verkeer die geldt op het tijdstip van immigratie.
2. In de Wet op de Loonbelasting wordt een aanpassing opgenomen om te voorkomen dat op een door de werkgever aan de werknemer toegekende beloning zowel de pseudo-eindheffing voor vertrekvergoedingen als de pseudo-eindheffing voor vervroegde uittreding van toepassing is.
3. Een lucratief belang dat een aanmerkelijk belang vormt gaat per 1 januari 2009 van box 2 (aanmerkelijk belang) naar box 1 (resultaat uit werkzaamheid). Om te voorkomen dat door deze overgang van rechtswege van het ene naar het andere regime belasting betaald moet worden in box 2 over het verschil tussen de actuele waarde in het economische verkeer en de oorspronkelijke verkrijgingsprijs is een aanpassing in de regeling opgenomen.
De staatssecretaris van Financiën heeft de nota naar aanleiding van het verslag en een nota van wijziging inzake het wetsvoorstel Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen naar de Tweede Kamer gestuurd.
Het wetsvoorstel is op drie punten aangepast.
1. In de regeling voor zogenaamde lucratieve belangen die onderdeel gaat vormen van het resultaat uit werkzaamheid is een verduidelijking aangebracht door aan te geven dat het moet gaan om het totale geplaatste aandelenkapitaal in plaats van het totale aandelenkapitaal.
Daarnaast is de tekst aangepast (“gelet op de feiten en omstandigheden”) om situaties waarin sterk met elkaar samenhangende financiële beloningsinstrumenten, overeenkomsten en juridische bepalingen, die economisch gezien één beloningsinstrument vormen, ook onder de regeling te kunnen laten vallen. Criterium is of dit samenstel zorgt voor een excessief rendement door een hefboomeffect.
Voor mensen die wanneer zij in het bezit zijn van een lucratief belang op het moment dat zij in Nederland gaan wonen, geldt dat zij het vermogensbestanddeel voor de berekening van het resultaat uit overige werkzaamheden mogen stellen op de waarde in het economische verkeer die geldt op het tijdstip van immigratie.
2. In de Wet op de Loonbelasting wordt een aanpassing opgenomen om te voorkomen dat op een door de werkgever aan de werknemer toegekende beloning zowel de pseudo-eindheffing voor vertrekvergoedingen als de pseudo-eindheffing voor vervroegde uittreding van toepassing is.
3. Een lucratief belang dat een aanmerkelijk belang vormt gaat per 1 januari 2009 van box 2 (aanmerkelijk belang) naar box 1 (resultaat uit werkzaamheid). Om te voorkomen dat door deze overgang van rechtswege van het ene naar het andere regime belasting betaald moet worden in box 2 over het verschil tussen de actuele waarde in het economische verkeer en de oorspronkelijke verkrijgingsprijs is een aanpassing in de regeling opgenomen.