
Een werkgever kende als onderdeel van zijn arbeidsvoorwaarden een regeling voor de kosten van woon-werkverkeer. Volgens het reglement waarin de arbeidsvoorwaarden waren vastgelegd was de vergoeding gelijk aan het bedrag van de vrijgestelde reiskostenvergoeding volgens de handleiding loonbelasting en premieheffing. Per 1 januari 2004 is de forfaitaire vergoeding van reiskosten vervallen en vervangen door een maximale vrijgestelde vergoeding van 19 cent per kilometer.
Volgens een werknemer had de werkgever hem op grond van het arbeidsvoorwaardenreglement vanaf 1 januari 2004 voor het woon-werkverkeer € 0,19 per kilometer moeten betalen in plaats van het voorheen geldende bedrag. Omdat de werkgever weigerde het meerdere te betalen, spande de werknemer een procedure aan bij de kantonrechter. De kantonrechter wees de vordering van de werknemer af. In het arbeidsvoorwaardenreglement was geen aanwijzing te vinden waaruit bleek dat de werkgever de maximale belastingvrije vergoeding moest betalen. De werkgever was op grond van het arbeidsvoorwaardenreglement en de gewijzigde belastingwetgeving niet verplicht om na 1 januari 2004 aan de werknemer een hoger bedrag dan de eerder toegekende vergoeding te betalen.