Werkgever mocht winstdelingsregeling wijzigen

Een werkgever kan de bestaande arbeidsvoorwaarden voor zijn personeel niet zomaar wijzigen, tenzij er sprake is van een eenzijdig wijzigingsbeding. Een wijzigingsbeding moet schriftelijk zijn vastgelegd. Daaraan is voldaan als het beding is opgenomen in de regeling waarin de arbeidsvoorwaarden zijn opgenomen waarop het beding betrekking heeft. Dat kan een individuele of een collectieve regeling zijn. Wanneer aan de eis van schriftelijkheid is voldaan door opname in een collectieve regeling is niet nodig dat ook in de individuele arbeidsovereenkomst van een werknemer een dergelijk beding is opgenomen. Evenmin is dan nodig dat de individuele werknemer uitdrukkelijk moet instemmen met een wijziging indien in zijn arbeidsovereenkomst geen wijzigingsbeding is opgenomen.

 

Een werknemer kende een winstdelingsregeling voor zijn personeel. Deze regeling was met instemming van de centrale ondernemingsraad tot stand gekomen. De winstdelingsregeling kwam neer op een vaste uitkering van 12,5% van het jaarsalaris. Volgens de regeling was wijziging daarvan mogelijk, mits met instemming van de centrale ondernemingsraad. Vervolgens werd het bedrijf overgenomen. Vastgelegd werd dat wijziging van de winstdelingsregeling voor het overgenomen personeel alleen aan de orde zou komen bij een zodanige verslechtering van de financiƫle positie dat drastische saneringsmaatregelen onvermijdelijk waren. Met instemming van de centrale ondernemingsraad besloot de nieuwe werkgever enkele jaren later tot een verlaging van de winstuitkering met terugwerkende kracht tot begin 2002. Een aantal overgenomen werknemers stemde niet in met deze wijziging van de winstdelingsregeling. Dat leidde tot een procedure die eindigde bij de Hoge Raad. Nadat de rechtbank de vordering van de werknemers tot handhaving van de oude winstdelingsregeling had toegewezen, besliste Hof Den Bosch in hoger beroep anders.

 

De winstdelingsregeling was een collectieve regeling waarin is aangegeven hoe de hoogte van de jaarlijkse winstdelingsuitkering moest worden berekend. De werkgever was, onder de voorwaarde van instemming van de centrale ondernemingsraad, bevoegd tot vaststelling en tot eenzijdige wijziging van de regeling. Door de overgang van de onderneming is de winstdelingsregeling als onderdeel van de individuele arbeidsvoorwaarden van de werknemers van rechtswege overgegaan naar de nieuwe werkgever. Volgens het hof waren de omstandigheden zo slecht dat wijziging van de winstdelingsregeling niet onredelijk was.

De werkgever had volgens het hof bij de wijziging van de regeling een dermate groot belang dat het belang van de individuele werknemers daarvoor moest wijken. De individuele arbeidsovereenkomsten bevatten geen algemeen wijzigingsbeding. Volgens het hof was dat niet nodig gezien het specifiek op de winstdelingsregeling toegesneden wijzigingsbeding.

De Hoge Raad onderschrijft het oordeel van het hof.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Een werkgever kan de bestaande arbeidsvoorwaarden voor zijn personeel niet zomaar wijzigen, tenzij er sprake is van een eenzijdig wijzigingsbeding. Een wijzigingsbeding moet schriftelijk zijn vastgelegd. Daaraan is voldaan als het beding is opgenomen in de regeling waarin de arbeidsvoorwaarden zijn opgenomen waarop het beding betrekking heeft. Dat kan een individuele of een collectieve regeling zijn. Wanneer aan de eis van schriftelijkheid is voldaan door opname in een collectieve regeling is niet nodig dat ook in de individuele arbeidsovereenkomst van een werknemer een dergelijk beding is opgenomen. Evenmin is dan nodig dat de individuele werknemer uitdrukkelijk moet instemmen met een wijziging indien in zijn arbeidsovereenkomst geen wijzigingsbeding is opgenomen. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Een werknemer kende een winstdelingsregeling voor zijn personeel. Deze regeling was met instemming van de centrale ondernemingsraad tot stand gekomen. De winstdelingsregeling kwam neer op een vaste uitkering van 12,5% van het jaarsalaris. Volgens de regeling was wijziging daarvan mogelijk, mits met instemming van de centrale ondernemingsraad. Vervolgens werd het bedrijf overgenomen. Vastgelegd werd dat wijziging van de winstdelingsregeling voor het overgenomen personeel alleen aan de orde zou komen bij een zodanige verslechtering van de financiƫle positie dat drastische saneringsmaatregelen onvermijdelijk waren. Met instemming van de centrale ondernemingsraad besloot de nieuwe werkgever enkele jaren later tot een verlaging van de winstuitkering met terugwerkende kracht tot begin 2002. Een aantal overgenomen werknemers stemde niet in met deze wijziging van de winstdelingsregeling. Dat leidde tot een procedure die eindigde bij de Hoge Raad. Nadat de rechtbank de vordering van de werknemers tot handhaving van de oude winstdelingsregeling had toegewezen, besliste Hof Den Bosch in hoger beroep anders.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">&nbsp;</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De winstdelingsregeling was een collectieve regeling waarin is aangegeven hoe de hoogte van de jaarlijkse winstdelingsuitkering moest worden berekend. De werkgever was, onder de voorwaarde van instemming van de centrale ondernemingsraad, bevoegd tot vaststelling en tot eenzijdige wijziging van de regeling. Door de overgang van de onderneming is de winstdelingsregeling als onderdeel van de individuele arbeidsvoorwaarden van de werknemers van rechtswege overgegaan naar de nieuwe werkgever. Volgens het hof waren de omstandigheden zo slecht dat wijziging van de winstdelingsregeling niet onredelijk was.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De werkgever had volgens het hof bij de wijziging van de regeling een dermate groot belang dat het belang van de individuele werknemers daarvoor moest wijken. De individuele arbeidsovereenkomsten bevatten geen algemeen wijzigingsbeding. Volgens het hof was dat niet nodig gezien het specifiek op de winstdelingsregeling toegesneden wijzigingsbeding.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De Hoge Raad onderschrijft het oordeel van het hof.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u