Wel afvalstoffenheffing, geen rioolrecht voor gedeelte van woning

Een gemeente legde aanslagen afvalstoffenheffing en rioolrechten op aan iemand die een gedeelte van de woning van zijn dochter in gebruik had. De vraag was of de heffing van deze belastingen wel in overeenstemming was met de gemeentelijke verordeningen. Voor de reinigingsheffingen moest het gedeelte van de woning dan worden aangemerkt als een afzonderlijk perceel en voor de rioolrechten als een afzonderlijk eigendom of als een zelfstandig gedeelte van een eigendom. Hof Arnhem was van oordeel dat daaraan niet was voldaan. Het gebruikte gedeelte van de woning was volgens het Hof qua indeling en inrichting niet geschikt voor het voeren van een particuliere huishouding. Bepaalde ruimten waren alleen toegankelijk vanuit een ruimte die in gezamenlijk gebruik was. Voor wat betreft de afvalstoffenheffing ging het Hof uit van een onjuiste rechtsopvatting. De gemeentelijke verordening reinigingsheffingen vereiste niet dat alle in gebruik zijnde vertrekken een afgescheiden geheel vormen. Het door het Hof vastgestelde exclusieve gebruik van een keuken, woonkamer, slaapkamer, toilet en doucheruimte, die al dan niet door middel van de gezamenlijke hal met elkaar zijn verbonden, betreft een gedeelte van een woning dat naar indeling en inrichting bestemd is voor het voeren van een eigen particuliere huishouding waarin afvalstoffen kunnen ontstaan. Daarmee is aan de voorwaarden voor de afvalstoffenheffing gedaan. Ten aanzien van het rioolrecht was het oordeel van het Hof dat het gedeelte dat de belanghebbende in gebruik had de vereiste zelfstandigheid miste vanwege de afhankelijkheid van elders in de woning aanwezige voorzieningen. Dat oordeel was wel correct en voorkwam dat een aanslag rioolrecht kon worden opgelegd.
Een gemeente legde aanslagen afvalstoffenheffing en rioolrechten op aan iemand die een gedeelte van de woning van zijn dochter in gebruik had. De vraag was of de heffing van deze belastingen wel in overeenstemming was met de gemeentelijke verordeningen. Voor de reinigingsheffingen moest het gedeelte van de woning dan worden aangemerkt als een afzonderlijk perceel en voor de rioolrechten als een afzonderlijk eigendom of als een zelfstandig gedeelte van een eigendom. Hof Arnhem was van oordeel dat daaraan niet was voldaan. Het gebruikte gedeelte van de woning was volgens het Hof qua indeling en inrichting niet geschikt voor het voeren van een particuliere huishouding. Bepaalde ruimten waren alleen toegankelijk vanuit een ruimte die in gezamenlijk gebruik was.
Voor wat betreft de afvalstoffenheffing ging het Hof uit van een onjuiste rechtsopvatting. De gemeentelijke verordening reinigingsheffingen vereiste niet dat alle in gebruik zijnde vertrekken een afgescheiden geheel vormen. Het door het Hof vastgestelde exclusieve gebruik van een keuken, woonkamer, slaapkamer, toilet en doucheruimte, die al dan niet door middel van de gezamenlijke hal met elkaar zijn verbonden, betreft een gedeelte van een woning dat naar indeling en inrichting bestemd is voor het voeren van een eigen particuliere huishouding waarin afvalstoffen kunnen ontstaan. Daarmee is aan de voorwaarden voor de afvalstoffenheffing gedaan.
Ten aanzien van het rioolrecht was het oordeel van het Hof dat het gedeelte dat de belanghebbende in gebruik had de vereiste zelfstandigheid miste vanwege de afhankelijkheid van elders in de woning aanwezige voorzieningen. Dat oordeel was wel correct en voorkwam dat een aanslag rioolrecht kon worden opgelegd.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u