Voortgang wetsvoorstel aanpassing successiewet
Als gevolg van een tweetal arresten van de Hoge Raad is een wetsvoorstel ingediend om de successiewet aan te passen. Het betreft de aanpassing van de fictiebepaling die aandelen in een pensioen- of lijfrentelichaam aanmerkt als erfrechtelijke verkrijging in een fictiebepaling, waarbij het aandelen betreft in een willekeurige vennootschap, die pensioen- of lijfrenteverplichtingen heeft jegens de erflater en de aanpassing van de bepaling voor het recht van overgang voor de overdracht van onroerende zaken binnen een jaar voor overlijden. In de nota naar aanleiding van het verslag wordt ingegaan op de vragen, die in de Tweede Kamer zijn gesteld. Die vragen betreffen onder meer de lange tijdsduur, die sedert de arresten is verstreken voor de indiening van het wetsvoorstel. De Kamer wil ook weten waarom niet als gevolg van het rapport van de commissie Moltmaker een herziening van het successierecht heeft plaatsgevonden. In zijn antwoord geeft de staatssecretaris aan, dat hier sprake is van reparatiewetgeving ten gevolge van de arresten. De gehele herziening volgt later.
Als gevolg van een tweetal arresten van de Hoge Raad is een wetsvoorstel ingediend om de successiewet aan te passen. Het betreft de aanpassing van de fictiebepaling die aandelen in een pensioen- of lijfrentelichaam aanmerkt als erfrechtelijke verkrijging in een fictiebepaling, waarbij het aandelen betreft in een willekeurige vennootschap, die pensioen- of lijfrenteverplichtingen heeft jegens de erflater en de aanpassing van de bepaling voor het recht van overgang voor de overdracht van onroerende zaken binnen een jaar voor overlijden. In de nota naar aanleiding van het verslag wordt ingegaan op de vragen, die in de Tweede Kamer zijn gesteld. Die vragen betreffen onder meer de lange tijdsduur, die sedert de arresten is verstreken voor de indiening van het wetsvoorstel. De Kamer wil ook weten waarom niet als gevolg van het rapport van de commissie Moltmaker een herziening van het successierecht heeft plaatsgevonden. In zijn antwoord geeft de staatssecretaris aan, dat hier sprake is van reparatiewetgeving ten gevolge van de arresten. De gehele herziening volgt later.