Voorhanden hebben van accijnsgoederen

Het voorhanden hebben van accijnsgoederen is een belastbaar feit voor de heffing van accijns. Aan iemand die accijnsgoederen voorhanden heeft kan een naheffingsaanslag accijns worden opgelegd wanneer niet op de normale wijze aan de accijnsverplichtingen wordt voldaan. De Hoge Raad heeft in een arrest uit 2004 over de heffing van accijns een uiteenzetting gegeven van het begrip feitelijke beschikkingsmacht over accijnsgoederen. Wanneer aan alle aspecten daarvan is voldaan, heeft iemand accijnsgoederen voorhanden gehad in de zin van de Wet op de Accijns.

 

Hof Den Bosch oordeelde dat de huurder van een loods waarin onveraccijnsde goederen waren opgeslagen deze goederen voorhanden had gehad. Gedurende de periode van opslag had hij de sleutel van de loods afgestaan aan de persoon die de accijnsgoederen had vervoerd. Het ging om sigaretten en alcoholhoudende dranken. Volgens het hof was het niet noodzakelijk dat de huurder van de loods zelf vrijelijk over de sigaretten kon beschikken, omdat hij samen met anderen op elk door hem gewenst moment tijdens de periode van opslag feitelijk over de sigaretten kon beschikken. Het hof vond van belang dat niet gesteld of gebleken was dat hem niet op zijn verzoek direct een sleutel van de loods zou zijn gegeven.

Het hof baseerde zijn oordeel dat de huurder de alcoholhoudende dranken voorhanden had gehad op zijn betrokkenheid bij de handel in die dranken, op het door hem verrichten van administratieve werkzaamheden om deze handel te maskeren en op zijn erkenning dat hij zich ervan bewust was dat hij de accijnsverplichtingen niet nakwam.

 

De Hoge Raad oordeelde in cassatie dat uit de door het hof vastgestelde betrokkenheid van de huurder van de loods bij de handel in de sigaretten en de alcoholhoudende dranken niet volgt dat hij in persoon op enig moment feitelijk heeft beschikt over deze accijnsgoederen. Evenmin volgt daaruit dat de huurder samen met anderen over deze accijnsgoederen heeft beschikt. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het hof vernietigd. De naheffingsaanslag voor de sigaretten is door de Hoge Raad vernietigd. Er moest worden uitgegaan van het feit dat de huurder ten tijde van de opslag van de sigaretten niet over een sleutel van de loods beschikte. De inspecteur had geen andere feiten of omstandigheden aangevoerd waaruit geconcludeerd kon worden dat de huurder de feitelijke beschikkingsmacht over de sigaretten heeft gehad. Met betrekking tot de naheffingsaanslag voor de alcoholhoudende dranken moet Hof Arnhem onderzoeken of de huurder deze voorhanden heeft gehad in de zin van de wet.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Het voorhanden hebben van accijnsgoederen is een belastbaar feit voor de heffing van accijns. Aan iemand die accijnsgoederen voorhanden heeft kan een naheffingsaanslag accijns worden opgelegd wanneer niet op de normale wijze aan de accijnsverplichtingen wordt voldaan. De Hoge Raad heeft in een arrest uit 2004 over de heffing van accijns een uiteenzetting gegeven van het begrip feitelijke beschikkingsmacht over accijnsgoederen. Wanneer aan alle aspecten daarvan is voldaan, heeft iemand accijnsgoederen voorhanden gehad in de zin van de Wet op de Accijns. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Hof Den Bosch oordeelde dat de huurder van een loods waarin onveraccijnsde goederen waren opgeslagen deze goederen voorhanden had gehad. Gedurende de periode van opslag had hij de sleutel van de loods afgestaan aan de persoon die de accijnsgoederen had vervoerd. Het ging om sigaretten en alcoholhoudende dranken. Volgens het hof was het niet noodzakelijk dat de huurder van de loods zelf vrijelijk over de sigaretten kon beschikken, omdat hij samen met anderen op elk door hem gewenst moment tijdens de periode van opslag feitelijk over de sigaretten kon beschikken. Het hof vond van belang dat niet gesteld of gebleken was dat hem niet op zijn verzoek direct een sleutel van de loods zou zijn gegeven. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Het hof baseerde zijn oordeel dat de huurder de alcoholhoudende dranken voorhanden had gehad op zijn betrokkenheid bij de handel in die dranken, op het door hem verrichten van administratieve werkzaamheden om deze handel te maskeren en op zijn erkenning dat hij zich ervan bewust was dat hij de accijnsverplichtingen niet nakwam. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De Hoge Raad oordeelde in cassatie dat uit de door het hof vastgestelde betrokkenheid van de huurder van de loods bij de handel in de sigaretten en de alcoholhoudende dranken niet volgt dat hij in persoon op enig moment feitelijk heeft beschikt over deze accijnsgoederen. Evenmin volgt daaruit dat de huurder samen met anderen over deze accijnsgoederen heeft beschikt. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het hof vernietigd. De naheffingsaanslag voor de sigaretten is door de Hoge Raad vernietigd. Er moest worden uitgegaan van het feit dat de huurder ten tijde van de opslag van de sigaretten niet over een sleutel van de loods beschikte. De inspecteur had geen andere feiten of omstandigheden&nbsp;aangevoerd waaruit geconcludeerd kon worden dat de huurder de feitelijke beschikkingsmacht over de sigaretten heeft gehad. Met betrekking tot de naheffingsaanslag voor de alcoholhoudende dranken moet Hof Arnhem onderzoeken of de huurder deze voorhanden heeft gehad in de zin van de wet. </P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u