Verlengde navorderingstermijn in strijd met EG-recht?
De Advocaat-Generaal bij de Hoge Raad (AG) heeft twijfels over de houdbaarheid in Europees verband van de verlengde navorderingstermijn voor inkomsten en vermogen uit het buitenland. De AG heeft deze twijfels geuit in zijn conclusie in een procedure van iemand met een bankrekening bij de KB Luxbank in Luxemburg, zonder het saldo en de rente-inkomsten aan te geven. De AG vindt wel dat een beperking van de vrijheden uit het EG-verdrag is toegestaan in het belang van fiscale controles en de bestrijding van belastingontduiking. De vraag is of verlenging van de navorderingstermijn met zeven jaar niet te ver gaat. De staatssecretaris van Financiƫn stelt in zijn reactie op de conclusie van de AG dat iemand die zijn geld op een buitenlandse bankrekening plaatst om dit buiten het zicht van de Nederlandse belastingdienst te houden geen beroep kan doen op de vrijheden van het EG-verdrag. De staatssecretaris bestrijdt dat sprake is van een belemmering van het vrije kapitaalverkeer omdat een persoon met vermogen op een buitenlandse bankrekening niet slechter wordt behandeld dan iemand wiens vermogen op een binnenlandse bankrekening staat. De vraag is of de Hoge Raad het advies van de AG volgt om op dit punt opheldering te vragen aan het Hof van Justitie EG.
De Advocaat-Generaal bij de Hoge Raad (AG) heeft twijfels over de houdbaarheid in Europees verband van de verlengde navorderingstermijn voor inkomsten en vermogen uit het buitenland. De AG heeft deze twijfels geuit in zijn conclusie in een procedure van iemand met een bankrekening bij de KB Luxbank in Luxemburg, zonder het saldo en de rente-inkomsten aan te geven. De AG vindt wel dat een beperking van de vrijheden uit het EG-verdrag is toegestaan in het belang van fiscale controles en de bestrijding van belastingontduiking. De vraag is of verlenging van de navorderingstermijn met zeven jaar niet te ver gaat. De staatssecretaris van Financiƫn stelt in zijn reactie op de conclusie van de AG dat iemand die zijn geld op een buitenlandse bankrekening plaatst om dit buiten het zicht van de Nederlandse belastingdienst te houden geen beroep kan doen op de vrijheden van het EG-verdrag. De staatssecretaris bestrijdt dat sprake is van een belemmering van het vrije kapitaalverkeer omdat een persoon met vermogen op een buitenlandse bankrekening niet slechter wordt behandeld dan iemand wiens vermogen op een binnenlandse bankrekening staat. De vraag is of de Hoge Raad het advies van de AG volgt om op dit punt opheldering te vragen aan het Hof van Justitie EG.