
Wanneer een belastingplichtige opzettelijk een onjuiste aangifte inkomstenbelasting doet, kan de belastingdienst hem bij het vaststellen van de aanslag een boete opleggen van maximaal 100% van de aanslag, voor zover dat bedrag als gevolg van opzet van de belastingplichtige niet zou zijn geheven. Opzet is het willens en wetens handelen of nalaten met het niet of te laat betalen van belasting als gevolg. Onder opzet valt ook voorwaardelijke opzet. Voorwaardelijke opzet is het willens en wetens aanvaarden van de reële kans dat een handelen of nalaten tot gevolg heeft dat te weinig belasting wordt geheven of wordt betaald.
Een belastingplichtige die twee in het verleden afgesloten kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule afkocht en wist wat daarvan de fiscale gevolgen waren, bracht zijn adviseur niet op de hoogte van de ontvangen afkoopsommen. Volgens Hof Leeuwarden had de belastingplichtige, gelet op de hoogte van de afkoopsommen, zijn adviseur bewust niet geïnformeerd. Daarmee aanvaarde hij bewust de aanmerkelijke kans dat hij een onjuiste aangifte inkomstenbelasting zou indienen. De belastingplichtige had de hem door zijn adviseur toegezonden conceptaangifte niet gecontroleerd. Op basis hiervan vond het hof voorwaardelijke opzet aannemelijk gemaakt. Dat betekende dat de inspecteur terecht een vergrijpboete had opgelegd. De vergrijpboete bedroeg 50% van de verschuldigde belasting over de correcties op het belastbare inkomen. Die boete vond het hof passend en geboden.