Verdeling nalatenschap na twee jaar

Een echtpaar dreef een onderneming in de vorm van een vennootschap onder firma. Het aandeel in de stille reserves van de man bedroeg 60%; het aandeel van zijn echtgenote was 40%. Het echtpaar was in algehele gemeenschap van goederen gehuwd. De man had een testament opgesteld waarin hij zijn echtgenote en hun twee kinderen ieder voor 1/3 deel tot erfgenaam benoemde. Aan de echtgenote werd het vruchtgebruik gelegateerd van de erfdelen van de kinderen. Het testament bevatte verder een zogenaamde ouderlijke boedelverdeling. De echtgenote had het recht om binnen 8 maanden na overlijden van de man de in het testament opgenomen verdeling niet te aanvaarden. Na het overlijden van de man in 2006 maakte de echtgenote van deze clausule gebruik door te kiezen voor een afwijkende verdeling van het ondernemingsvermogen van de man. Dat werd aan de kinderen toegedeeld. De kinderen zetten de onderneming voort en deden een beroep op de bedrijfsopvolgingsregeling van de Successiewet. De inspecteur beperkte de toepassing van deze regeling tot het gedeelte waartoe de kinderen op grond van het testament gerechtigd waren. Aanleiding hiervoor was dat de afwijkende verdeling niet binnen twee jaar na het overlijden had plaatsgevonden. Had de verdeling eerder plaatsgevonden, dan was de bedrijfsopvolgingsregeling op het gehele aandeel in het ondernemingsvermogen van ieder kind toegepast.
 
Door het niet aanvaarden van de ouderlijke boedelverdeling was het ondernemingsvermogen onverdeeld. Volgens het testament was ieder van de erfgenamen voor 1/3 deel gerechtigd tot deze onverdeeldheid. Dat betekent dat ieder kind op het moment van overlijden van vader 1/3 deel van zijn onderneming heeft verkregen. De bedrijfsopvolgingsfaciliteit is in beginsel slechts op dat deel van de onderneming van toepassing.
Naar het oordeel van de rechtbank Breda geldt de tweejaarseis niet alleen in de situatie waarin voorafgaand aan de afwijkende verdeling een aanslag erfbelasting is opgelegd, maar ook in gevallen waarin nog geen aanslag is opgelegd.

<P>Een echtpaar dreef een onderneming in de vorm van een vennootschap onder firma. Het aandeel in de stille reserves van de man bedroeg 60%; het aandeel van zijn echtgenote was 40%. Het echtpaar was in algehele gemeenschap van goederen gehuwd. De man had een testament opgesteld waarin hij zijn echtgenote en hun twee kinderen ieder voor 1/3 deel tot erfgenaam benoemde. Aan de echtgenote werd het vruchtgebruik gelegateerd van de erfdelen van de kinderen. Het testament bevatte verder een zogenaamde ouderlijke boedelverdeling. De echtgenote had het recht om binnen 8 maanden na overlijden van de man de in het testament opgenomen verdeling niet te aanvaarden. Na het overlijden van de man in 2006 maakte de echtgenote van deze clausule gebruik door te kiezen voor een afwijkende verdeling van het ondernemingsvermogen van de man. Dat werd aan de kinderen toegedeeld. De kinderen zetten de onderneming voort en deden een beroep op de bedrijfsopvolgingsregeling van de Successiewet. De inspecteur beperkte de toepassing van deze regeling tot het gedeelte waartoe de kinderen op grond van het testament gerechtigd waren. Aanleiding hiervoor was dat de afwijkende verdeling niet binnen twee jaar na het overlijden had plaatsgevonden. Had de verdeling eerder plaatsgevonden, dan was de bedrijfsopvolgingsregeling op het gehele aandeel in het ondernemingsvermogen van ieder kind toegepast.<BR>&nbsp;<BR>Door het niet aanvaarden van de ouderlijke boedelverdeling was het ondernemingsvermogen onverdeeld. Volgens het testament was ieder van de erfgenamen voor 1/3 deel gerechtigd tot deze onverdeeldheid. Dat betekent dat ieder kind op het moment van overlijden van vader 1/3 deel van zijn onderneming heeft verkregen. De bedrijfsopvolgingsfaciliteit is in beginsel slechts op dat deel van de onderneming van toepassing. <BR>Naar het oordeel van de rechtbank Breda geldt de tweejaarseis niet alleen in de situatie waarin voorafgaand aan de afwijkende verdeling een aanslag erfbelasting is opgelegd, maar ook in gevallen waarin nog geen aanslag is opgelegd.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u