Van echtgenote ontvangen deel persoonsgebonden budget vormde inkomen
Wegens ziekte en invaliditeit kwam een vrouw in aanmerking voor een persoonsgebonden budget (PGB) op grond van de Regeling Subsidies AWBZ en Ziekenfondswet. Zij sloot met haar echtgenoot een zorgovereenkomst. In verband daarmee betaalde zij een deel van het PGB aan haar echtgenoot. Dit bedrag vormde voor hem resultaat uit overige werkzaamheden en was als zodanig belast inkomen. De werkzaamheden gingen namelijk de tussen echtgenoten gebruikelijke wederzijdse hulp te boven en waren naar het oordeel van de rechtbank verricht in het economische verkeer. Bij de bepaling van het resultaat mochten de kosten die bij de uitvoering van de werkzaamheden werden gemaakt in mindering worden gebracht. De echtgenoot claimde aan kosten een bedrag van € 1.420 te hebben gemaakt. Dat bedrag bestond uit autokosten, extra werkkleding, telefoonkosten en administratiekosten. Deze bedragen bleken echter niet uit schriftelijke stukken of andere bewijsmiddelen. De rechtbank stond, rekening houdend met aftrekuitsluitingen, aftrek toe van een bedrag van € 700, te weten € 560 voor autokosten en € 140 voor telefoon- en administratiekosten.
Wegens ziekte en invaliditeit kwam een vrouw in aanmerking voor een persoonsgebonden budget (PGB) op grond van de Regeling Subsidies AWBZ en Ziekenfondswet. Zij sloot met haar echtgenoot een zorgovereenkomst. In verband daarmee betaalde zij een deel van het PGB aan haar echtgenoot. Dit bedrag vormde voor hem resultaat uit overige werkzaamheden en was als zodanig belast inkomen. De werkzaamheden gingen namelijk de tussen echtgenoten gebruikelijke wederzijdse hulp te boven en waren naar het oordeel van de rechtbank verricht in het economische verkeer. Bij de bepaling van het resultaat mochten de kosten die bij de uitvoering van de werkzaamheden werden gemaakt in mindering worden gebracht. De echtgenoot claimde aan kosten een bedrag van € 1.420 te hebben gemaakt. Dat bedrag bestond uit autokosten, extra werkkleding, telefoonkosten en administratiekosten. Deze bedragen bleken echter niet uit schriftelijke stukken of andere bewijsmiddelen. De rechtbank stond, rekening houdend met aftrekuitsluitingen, aftrek toe van een bedrag van € 700, te weten € 560 voor autokosten en € 140 voor telefoon- en administratiekosten.