Uitvoeringsregelingen BPM en MRB aangepast aan regeling grijze kentekens
Met ingang van 1 juli 2005 vervalt het fiscale voordeel van het grijze kenteken voor bestelauto’s van particulieren. Vanaf die datum wordt bij de aanschaf of invoer van een bestelauto BPM geheven en geldt voor de motorrijtuigenbelasting het tarief voor personenauto’s. Voor gehandicapten blijven de voordelen van het grijze kenteken bestaan. Er geldt een teruggaafregeling voor de BPM voor bestelauto’s die zijn ingericht en worden gebruikt voor het vervoer van een gehandicapte in de cabine en het gelijktijdige vervoer van een niet-opvouwbare rolstoel. In de Uitvoeringsregeling BPM worden nadere regels gesteld aan de teruggaaf. Voor de motorrijtuigenbelasting geldt sinds 1 januari 2005 een verlaagd tarief voor bestelauto’s van gehandicapten. Bij de parlementaire behandeling van het belastingplan 2005 is een ruime toepassing van de regeling toegezegd. Onder een niet-opvouwbare rolstoel wordt daarom niet alleen verstaan een scootmobiel maar ook een ander hulpmiddel dat verband houdt met de handicap met een dusdanige omvang of gewicht dat de gehandicapte voor zijn vervoer gebruik moet maken van een bestelauto.Ook voor ondernemers is er een recht op teruggaaf van BPM voor bestelauto’s. De teruggegeven BPM wordt als belasting verschuldigd als de bestelauto niet langer wordt gebruikt door de ondernemer aan wie de teruggaaf is verleend. Dat geldt niet als de bestelauto ook na de overdracht in een onderneming gebruikt wordt, mits de inspecteur het gezamenlijke verzoek van de verkoper en de koper inwilligt. Een verzoek kan achterwege blijven indien: (a) de koper een erkenning bedrijfsvoorraad heeft op basis van de Wegenverkeerswet 1994, (b) de koper de bestelauto opneemt in zijn bedrijfsvoorraad, (c) de verkoper het door de koper afgegeven vrijwaringbewijs van de bestelauto in zijn administratie bewaart, en (d) de verkoper in zijn administratie een verklaring opneemt waarin de koper en de verkoper ten aanzien van de verhandelde bestelauto zijn overeengekomen dat de koper voor de toepassing van de BPM in de plaats treedt van de verkoper. Onder omstandigheden kan dan de belasting worden nageheven van de koper. De teruggaafregeling in de BPM en het lagere tarief voor de motorrijtuigenbelasting voor bestelauto’s van ondernemers gelden bij ter beschikking stellen van de bestelauto door de ondernemer aan een derde alleen wanneer deze derde een ondernemer is of als de periode van de terbeschikkingstelling maximaal vier weken bedraagt. De ondernemer moet aan de hand van zijn administratie kunnen aantonen dat hij voldoet aan de wettelijke voorwaarden voor teruggaaf van BPM en voor toepassing van het ondernemerstarief van de motorrijtuigenbelasting voor een bestelauto die hij ter beschikking stelt aan derden. Voor langere periodes van terbeschikkingstelling betekent dit dat de ondernemer zich ervan moet vergewissen dat de klant voldoet aan de voorwaarden voor de teruggaaf en het ondernemerstarief.
Met ingang van 1 juli 2005 vervalt het fiscale voordeel van het grijze kenteken voor bestelauto’s van particulieren. Vanaf die datum wordt bij de aanschaf of invoer van een bestelauto BPM geheven en geldt voor de motorrijtuigenbelasting het tarief voor personenauto’s. Voor gehandicapten blijven de voordelen van het grijze kenteken bestaan. Er geldt een teruggaafregeling voor de BPM voor bestelauto’s die zijn ingericht en worden gebruikt voor het vervoer van een gehandicapte in de cabine en het gelijktijdige vervoer van een niet-opvouwbare rolstoel. In de Uitvoeringsregeling BPM worden nadere regels gesteld aan de teruggaaf. Voor de motorrijtuigenbelasting geldt sinds 1 januari 2005 een verlaagd tarief voor bestelauto’s van gehandicapten. Bij de parlementaire behandeling van het belastingplan 2005 is een ruime toepassing van de regeling toegezegd. Onder een niet-opvouwbare rolstoel wordt daarom niet alleen verstaan een scootmobiel maar ook een ander hulpmiddel dat verband houdt met de handicap met een dusdanige omvang of gewicht dat de gehandicapte voor zijn vervoer gebruik moet maken van een bestelauto.Ook voor ondernemers is er een recht op teruggaaf van BPM voor bestelauto’s. De teruggegeven BPM wordt als belasting verschuldigd als de bestelauto niet langer wordt gebruikt door de ondernemer aan wie de teruggaaf is verleend. Dat geldt niet als de bestelauto ook na de overdracht in een onderneming gebruikt wordt, mits de inspecteur het gezamenlijke verzoek van de verkoper en de koper inwilligt. Een verzoek kan achterwege blijven indien: (a) de koper een erkenning bedrijfsvoorraad heeft op basis van de Wegenverkeerswet 1994, (b) de koper de bestelauto opneemt in zijn bedrijfsvoorraad, (c) de verkoper het door de koper afgegeven vrijwaringbewijs van de bestelauto in zijn administratie bewaart, en (d) de verkoper in zijn administratie een verklaring opneemt waarin de koper en de verkoper ten aanzien van de verhandelde bestelauto zijn overeengekomen dat de koper voor de toepassing van de BPM in de plaats treedt van de verkoper. Onder omstandigheden kan dan de belasting worden nageheven van de koper. De teruggaafregeling in de BPM en het lagere tarief voor de motorrijtuigenbelasting voor bestelauto’s van ondernemers gelden bij ter beschikking stellen van de bestelauto door de ondernemer aan een derde alleen wanneer deze derde een ondernemer is of als de periode van de terbeschikkingstelling maximaal vier weken bedraagt. De ondernemer moet aan de hand van zijn administratie kunnen aantonen dat hij voldoet aan de wettelijke voorwaarden voor teruggaaf van BPM en voor toepassing van het ondernemerstarief van de motorrijtuigenbelasting voor een bestelauto die hij ter beschikking stelt aan derden. Voor langere periodes van terbeschikkingstelling betekent dit dat de ondernemer zich ervan moet vergewissen dat de klant voldoet aan de voorwaarden voor de teruggaaf en het ondernemerstarief.