Uitsluiting belastingschulden van rendementsgrondslag geen discriminatie
In verband met een ontvangen erfenis ontving de erfgenaam op 18 december 2002 een voorlopige aanslag successierecht die in 2003 werd betaald. Deze aanslag werd bij de aangifte van het inkomen uit sparen en beleggen over het jaar 2002 als schuld meegenomen. De inspecteur accepteerde dat niet, omdat met belastingschulden volgens de wet geen rekening wordt gehouden.
Dat vormt geen door het IVBPR en het EVRM verboden discriminatie, aldus de Hoge Raad. Hof Amsterdam meende dat wel sprake was van verboden discriminatie en had daarom de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten. De Hoge Raad zag geen reden om de inspecteur te veroordelen tot vergoeding van de kosten van het geding voor het Hof.
In verband met een ontvangen erfenis ontving de erfgenaam op 18 december 2002 een voorlopige aanslag successierecht die in 2003 werd betaald. Deze aanslag werd bij de aangifte van het inkomen uit sparen en beleggen over het jaar 2002 als schuld meegenomen. De inspecteur accepteerde dat niet, omdat met belastingschulden volgens de wet geen rekening wordt gehouden.
Dat vormt geen door het IVBPR en het EVRM verboden discriminatie, aldus de Hoge Raad. Hof Amsterdam meende dat wel sprake was van verboden discriminatie en had daarom de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten. De Hoge Raad zag geen reden om de inspecteur te veroordelen tot vergoeding van de kosten van het geding voor het Hof.