
Voor het privégebruik van een auto van de zaak moet een bedrag bij het inkomen worden geteld. In het jaar 2002 gold een deel van het woon-werkverkeer als privégebruik. In dat jaar was het percentage van de bijtelling afhankelijk van het aantal privékilometers.
Een werknemer toonde met een sluitende kilometeradministratie aan dat hij in 2002 minder dan 500 privékilometers had gereden. De werknemer had in zijn woning een werkkamer, waar hij elke werkdag begon met zijn werkzaamheden. Daarna bezocht hij klanten in het land of reed hij naar kantoor. De afstand tussen zijn woning en het kantoor bedroeg
De Hoge Raad deelt de opvatting van de inspecteur niet. De destijds geldende definitie van woon-werkverkeer luidde: het eenmaal per week of vaker binnen 24 uur heen en weer reizen tussen de woning en de plaats van werkzaamheden.
De werkruimte van deze werknemer was in zijn eigen woning gelegen. In die situatie is geen sprake van 'reizen'. De reizen van de werkkamer naar kantoor vielen niet onder het woon-werkverkeer, maar waren zakelijke kilometers.
Het onderscheid tussen woon-werkverkeer en zakelijke kilometers en het aanmerken van een deel van het woon-werkverkeer als privékilometers is enkele jaren geleden vervallen.