Tweede nota van wijziging wetsvoorstel wijziging kindgebonden budget

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de tweede nota van wijziging op het wetsvoorstel tot wijziging van het kindgebonden budget in verband met bezuiniging naar de Tweede Kamer gestuurd. Deze nota van wijziging is bedoeld om in het kindgebonden budget rekening te houden met grote gezinnen. De eerder voorgestelde beperking van het kindgebonden budget tot twee kinderen komt hiermee te vervallen.

Voorgesteld wordt nu om voor het derde kind een bedrag van € 183 per jaar in te voeren. Voor ieder volgend kind wordt een bedrag van € 106 per jaar ingevoerd. Om dit te financieren wordt het bedrag voor het eerste kind niet met € 50 per jaar verhoogd, maar met € 6 per jaar verhoogd.

Bij de eerste nota van wijziging is het oorspronkelijke voorstel aangepast om gezinnen met lage en middeninkomens te compenseren voor het achterblijven in koopkracht ten opzichte van andere gezinnen. Daarbij worden de bedragen van de kinderbijslag verlaagd en de bedragen van het kindgebonden budget verhoogd. Het basisbedrag van de kinderbijslag wordt verlaagd tot een bedrag van € 268,26 per kwartaal. Het basis kinderbijslagbedrag wordt als volgt verdeeld over de verschillende leeftijdsgroepen: 0-5 jaar 70%; 6-11 jaar 85% en 12-17 jaar 100%. Met de opbrengst van de verlaging worden de bedragen van het kindgebonden budget verhoogd. Ten opzichte van het wetsvoorstel wordt het bedrag voor het eerste kind met € 50 per jaar en het bedrag voor het tweede kind met € 150 per jaar verhoogd. Voor de eerste twee kinderen samen wordt het kindgebonden budget dus met € 200 verhoogd.

Het wetsvoorstel en de twee nota’s van wijziging leiden tot de volgende voorstellen in het kindgebonden budget: een vermogenstoets, niet-indexeren en andere bedragen per kind. Ten opzichte van 2011 neemt het bedrag voor het eerste en tweede kind toe, voor het derde kind en verder worden de bedragen verlaagd.

<P>De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de tweede nota van wijziging op het wetsvoorstel tot wijziging van het kindgebonden budget in verband met bezuiniging naar de Tweede Kamer gestuurd. Deze nota van wijziging is bedoeld om in het kindgebonden budget rekening te houden met grote gezinnen. De eerder voorgestelde beperking van het kindgebonden budget tot twee kinderen komt hiermee te vervallen.</P>
<P>Voorgesteld wordt nu om&nbsp;voor het derde kind een bedrag van € 183 per jaar in te voeren. Voor ieder volgend kind wordt een bedrag van € 106 per jaar ingevoerd. Om dit te financieren wordt het bedrag voor het eerste kind niet met € 50 per jaar verhoogd, maar met € 6 per jaar verhoogd.</P>
<P>Bij de eerste nota van wijziging is het oorspronkelijke voorstel aangepast om gezinnen met lage en middeninkomens te compenseren voor het achterblijven in koopkracht ten opzichte van andere gezinnen. Daarbij worden de bedragen van de kinderbijslag verlaagd en de bedragen van het kindgebonden budget verhoogd. Het basisbedrag van de kinderbijslag wordt verlaagd tot een bedrag van € 268,26 per kwartaal. Het basis kinderbijslagbedrag wordt als volgt verdeeld over de verschillende leeftijdsgroepen: 0-5 jaar 70%; 6-11 jaar 85% en 12-17 jaar 100%. Met de opbrengst van de verlaging worden de bedragen van het kindgebonden budget verhoogd. Ten opzichte van het wetsvoorstel wordt het bedrag voor het eerste kind met € 50 per jaar en het bedrag voor het tweede kind met € 150 per jaar verhoogd. Voor de eerste twee kinderen samen wordt het kindgebonden budget dus met € 200 verhoogd. </P>
<P>Het wetsvoorstel en de twee nota’s van wijziging leiden tot de volgende voorstellen in het kindgebonden budget: een vermogenstoets, niet-indexeren en andere bedragen per kind. Ten opzichte van 2011 neemt het bedrag voor het eerste en tweede kind toe, voor het derde kind en verder worden de bedragen verlaagd.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u