
De trust, een in het Nederlandse recht niet voorkomende rechtsfiguur, wordt toegepast om vermogen af te schermen. De begunstigden kunnen niet over het vermogen beschikken, maar zijn afhankelijk van de uitkeringen die door de trustee, dat is de beheerder van het trustvermogen, worden gedaan. Voor de toepassing van de Nederlandse belastingwetgeving wordt een trust soms genegeerd en wordt het vermogen toegerekend aan de inbrenger of aan de begunstigden. Voordat de vraag op welke wijze fiscaal rekening moet worden gehouden met het bestaan van een trust kan worden beantwoord moet eerst worden nagegaan welke rechtsgevolgen de trust heeft volgens het op de trust toepasselijke recht.
Een zogenaamde irrevocable discretionary trust naar het recht van Guernsey geeft de trustee de vrijheid in het bestuur over het vermogen en het doen van uitkeringen aan een of meer van de begunstigden. De insteller van de trust heeft volgens de trustakte onherroepelijk afstand gedaan en de beschikkingsmacht verloren over het ingebrachte vermogen. De verwachting van een begunstigde dat op enig moment een uitkering uit het trustvermogen zal worden gedaan is geen afdwingbaar recht en heeft geen waarde als bezitting in box