Toepassing werktuigenvrijstelling bij elektriciteitscentrales
De Wet WOZ kent een vrijstelling voor in een onroerende zaak aangebrachte werktuigen. De werktuigenvrijstelling geldt voor tot de onroerende zaak behorende werktuigen, mits zij verwijderd kunnen worden met behoud van hun waarde als werktuig. In een procedure over de toepassing van de werktuigenvrijstelling bij een elektriciteitscentrale kwam Hof Amsterdam tot het oordeel dat de werktuigen verwijderbaar waren met behoud van waarde. De staatssecretaris van Financiƫn ging tegen dit oordeel in cassatie. De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond.De Hoge Raad onderschreef de opvatting van het Hof dat niet de bedrijfseconomische waarde van belang is, maar de technische en fysieke toestand van het werktuig na demontage. In dit geval was voor verwijdering van de werktuigen sloop van het gebouw niet noodzakelijk. Als verwijdering zonder sloop mogelijk is, maakt het voor de werktuigenvrijstelling niet uit of door verwijdering van de werktuigen het gebouw wordt beschadigd.Demontage van een werktuig om het te kunnen verwijderen verhindert de toepassing van de werktuigenvrijstelling niet, mits het werktuig kan worden gemonteerd met behoud van zijn waarde als werktuig. Voor toepassing van de werktuigenvrijstelling is zelfs enige beschadiging van het werktuig bij verwijdering toegestaan, zolang het niet gaat om een beschadiging van betekenis. Het verbreken van niet-losneembare verbindingen is geen beschadiging van betekenis wanneer die verbindingen bij de latere montage op relatief eenvoudige wijze kunnen worden hersteld. De werktuigenvrijstelling is niet beperkt tot relatief kleine werktuigen, maar kan ook van toepassing zijn op een werktuig dat gelet op zijn omvang bestemd is om duurzaam ter plaatse te blijven, zolang het kan worden verwijderd met behoud van zijn waarde.
De Wet WOZ kent een vrijstelling voor in een onroerende zaak aangebrachte werktuigen. De werktuigenvrijstelling geldt voor tot de onroerende zaak behorende werktuigen, mits zij verwijderd kunnen worden met behoud van hun waarde als werktuig. In een procedure over de toepassing van de werktuigenvrijstelling bij een elektriciteitscentrale kwam Hof Amsterdam tot het oordeel dat de werktuigen verwijderbaar waren met behoud van waarde. De staatssecretaris van Financiƫn ging tegen dit oordeel in cassatie. De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond.De Hoge Raad onderschreef de opvatting van het Hof dat niet de bedrijfseconomische waarde van belang is, maar de technische en fysieke toestand van het werktuig na demontage. In dit geval was voor verwijdering van de werktuigen sloop van het gebouw niet noodzakelijk. Als verwijdering zonder sloop mogelijk is, maakt het voor de werktuigenvrijstelling niet uit of door verwijdering van de werktuigen het gebouw wordt beschadigd.Demontage van een werktuig om het te kunnen verwijderen verhindert de toepassing van de werktuigenvrijstelling niet, mits het werktuig kan worden gemonteerd met behoud van zijn waarde als werktuig. Voor toepassing van de werktuigenvrijstelling is zelfs enige beschadiging van het werktuig bij verwijdering toegestaan, zolang het niet gaat om een beschadiging van betekenis. Het verbreken van niet-losneembare verbindingen is geen beschadiging van betekenis wanneer die verbindingen bij de latere montage op relatief eenvoudige wijze kunnen worden hersteld. De werktuigenvrijstelling is niet beperkt tot relatief kleine werktuigen, maar kan ook van toepassing zijn op een werktuig dat gelet op zijn omvang bestemd is om duurzaam ter plaatse te blijven, zolang het kan worden verwijderd met behoud van zijn waarde.