
De Zesde EG-richtlijn op het gebied van de omzetbelasting kent de mogelijkheid om voor de levering van levensmiddelen het verlaagde tarief toe te passen. Het Hof van Justitie EG heeft onlangs antwoord gegeven op een aantal vragen over het verstrekken van voor onmiddellijke consumptie bereide etenswaren. Het arrest betreft een aantal procedures van Duitse ondernemers, ondermeer een cateringbedrijf, een snackbarhouder en een bioscoop die allemaal voor menselijke consumptie bestemde artikelen verkochten. De Duitse omzetbelastingwetgeving merkt de verstrekking van spijs en drank voor consumptie ter plaatse aan als een dienst en niet als een levering. Voor leveringen van etenswaren kent de Duitse wetgeving het lage tarief omzetbelasting.
Aan het Hof van Justitie EG werd gevraagd of het verstrekken van etenswaren een levering van goederen of een dienst is. Voor het geval het gaat om een levering van goederen was de vervolgvraag of sprake was van verkopen van levensmiddelen waarop het verlaagde tarief van de omzetbelasting van toepassing is. In dat kader is van belang of het begrip levensmiddelen beperkt is tot goederen die in de levensmiddelenhandel plegen te worden verkocht om mee te nemen of dat ook bereide spijzen die onmiddellijk kunnen worden geconsumeerd onder dat begrip vallen.
In een arrest van het Hof van Justitie EG uit 1996 is onderscheid gemaakt tussen restaurantverrichtingen, waarbij de levering van voedsel een bijkomend aspect is, en afhaalmaaltijden, waarbij de levering van voedsel niet gepaard gaat met diensten die de nuttiging ter plaatse moeten veraangenamen. Om uit te maken of een samengestelde handeling als een levering van goederen of als een dienst moet worden gekwalificeerd, moet het overheersende aspect van de handeling worden bepaald vanuit het oogpunt van de modale consument. Omdat iedere levering gepaard gaat met een zekere mate van dienstverlening, tellen bij een samengestelde handeling alleen de diensten mee die voor de levering van een goed niet noodzakelijk zijn.
Bij de verkoop van snacks, friet en andere warme spijzen voor onmiddellijke consumptie is de bereiding beperkt tot eenvoudige handelingen, die meestal niet op verzoek van een bepaalde klant worden verricht. De bereiding van snacks vormt niet het overheersende bestanddeel van de verkoop daarvan. Als de voor restaurantverrichtingen kenmerkende diensten zoals de bediening en advisering van klanten en het gebruik van speciaal daarvoor ingerichte ruimten ontbreken is geen sprake van een dienst maar van een levering van goederen.
Dat geldt ook voor de verkoop van popcorn en tortillachips in bioscopen. De aanwezigheid van rudimentaire voorzieningen waardoor een beperkt aantal klanten de spijzen ter plaatse kan nuttigen maakt van de levering geen dienst vanwege het bijkomende en ondergeschikte karakter.
Anders dan bij de snackbars en de bioscoop vond het Hof van Justitie EG dat een cateringservice diensten verricht tenzij het gaat om de levering van standaardspijzen zonder verdere dienstverlening of wanneer blijkt dat de levering van spijzen het overheersende bestanddeel van de handeling is.
Wanneer het gaat om leveringen van goederen vallen ook spijzen en maaltijden die door koken, braden, bakken of op andere wijze zijn bereid om onmiddellijk te worden geconsumeerd onder het begrip levensmiddelen.