Toch toepassing fusievrijstelling kapitaalsbelasting bij samenstel rechtshandelingen
De Hoge Raad heeft een uitspraak van Hof Amsterdam over toepassing van de fusievrijstelling voor de kapitaalsbelasting vernietigd. Het Hof oordeelde dat de vrijstelling niet van toepassing was in de volgende situatie. Een NV wilde een aandelenfusie tot stand brengen tussen een Nederlandse dochter-BV en een Italiaanse vennootschap, waarvan de NV alle aandelen had. De BV gaf nieuwe aandelen uit. Anders dan kennelijk de bedoeling was, ging de notariële akte uit van storting in geld op deze aandelen in plaats van inbreng van de aandelen in de Italiaanse vennootschap. De vrijstelling van kapitaalsbelasting voor aandelenfusies kon niet worden toegepast omdat niet was voldaan aan de voorwaarde dat tegen toekenning van eigen aandelen uitsluitend tenminste 75 % van de aandelen in een ander lichaam werden verworven. Volgens het Hof kon aan de hand van de stukken niet worden vastgesteld, dat overdracht van 75 % van de aandelen in de Italiaanse vennootschap had plaatsgevonden. De notariële akte van rectificatie hielp volgens het Hof daarbij niet, omdat geen stukken bij de akte waren gevoegd waaruit bleek dat de aandelen waren overgedragen. Volgens de Hoge Raad bleek uit de stukken van het geding dat de overdracht tussen partijen geen punt van discussie was. Daarnaast had het Hof ten onrechte geoordeeld dat in deze situatie de vrijstelling niet van toepassing was. De strekking van de vrijstelling is dat deze ook van toepassing is bij een samenstel van rechtshandelingen gericht op de toekenning van eigen aandelen tegen aandelen in een ander lichaam wanneer het eerste lichaam daarbij tenminste 75 % van de aandelen in het andere lichaam verwerft of een bezit van 75 % of meer uitbreidt. De Hoge Raad heeft de zaak verwezen naar Hof Den Haag.
De Hoge Raad heeft een uitspraak van Hof Amsterdam over toepassing van de fusievrijstelling voor de kapitaalsbelasting vernietigd. Het Hof oordeelde dat de vrijstelling niet van toepassing was in de volgende situatie. Een NV wilde een aandelenfusie tot stand brengen tussen een Nederlandse dochter-BV en een Italiaanse vennootschap, waarvan de NV alle aandelen had. De BV gaf nieuwe aandelen uit. Anders dan kennelijk de bedoeling was, ging de notariële akte uit van storting in geld op deze aandelen in plaats van inbreng van de aandelen in de Italiaanse vennootschap. De vrijstelling van kapitaalsbelasting voor aandelenfusies kon niet worden toegepast omdat niet was voldaan aan de voorwaarde dat tegen toekenning van eigen aandelen uitsluitend tenminste 75 % van de aandelen in een ander lichaam werden verworven. Volgens het Hof kon aan de hand van de stukken niet worden vastgesteld, dat overdracht van 75 % van de aandelen in de Italiaanse vennootschap had plaatsgevonden. De notariële akte van rectificatie hielp volgens het Hof daarbij niet, omdat geen stukken bij de akte waren gevoegd waaruit bleek dat de aandelen waren overgedragen. Volgens de Hoge Raad bleek uit de stukken van het geding dat de overdracht tussen partijen geen punt van discussie was. Daarnaast had het Hof ten onrechte geoordeeld dat in deze situatie de vrijstelling niet van toepassing was. De strekking van de vrijstelling is dat deze ook van toepassing is bij een samenstel van rechtshandelingen gericht op de toekenning van eigen aandelen tegen aandelen in een ander lichaam wanneer het eerste lichaam daarbij tenminste 75 % van de aandelen in het andere lichaam verwerft of een bezit van 75 % of meer uitbreidt. De Hoge Raad heeft de zaak verwezen naar Hof Den Haag.