
De staatssecretaris van Financiën heeft twee besluiten over ondernemerschap in de inkomstenbelasting samengevoegd en geactualiseerd. Het besluit heeft betrekking op de terugwerkende kracht bij het aangaan van een personenvennootschap. De Hoge Raad heeft in een arrest uit 1997 bepaald dat een maatschaps- of vennootschapsovereenkomst tussen echtgenoten in de regel geen terugwerkende kracht kent. Om praktische redenen heeft de staatssecretaris goedgekeurd dat een schriftelijke personenvennootschapsovereenkomst maximaal negen maanden mag terugwerken in de tijd. In de akte moet de begindatum worden vermeld. Deze kan niet verder terug liggen dan 1 januari van het betreffende kalenderjaar. De terugwerkende kracht geldt ook voor de toepassing van de ondernemingsfaciliteiten.
Een commanditaire vennoot is niet aansprakelijk voor verbintenissen van de commanditaire vennootschap. Dat verandert wanneer de commanditaire vennoot zich gaat gedragen als een beherende vennoot door beheersdaden te verrichten. De aansprakelijkheid strekt zich dan uit tot schulden die zijn ontstaan vóór het moment waarop de commanditaire vennoot het beheersverbod heeft overtreden. Pas vanaf het moment waarop het beheersverbod is overtreden kan sprake zijn van ondernemerschap. Vanaf dat moment wordt de commanditaire vennoot verbonden voor verbintenissen van de onderneming. De aansprakelijkheid voor eerdere verbintenissen is voor het fiscale ondernemerschap niet relevant.