Terecht boete bij te hoge vergoedingen

De belastingdienst stelde bij een boekenonderzoek vast dat een BV te hoge onkostenvergoedingen betaalde aan haar directeur. In verband daarmee legde de belastingdienst een naheffingsaanslag loonbelasting op en een boete van 25% van de nageheven belasting. De te hoge vergoeding betrof het gebruik van een werkruimte in de eigen woning van de directeur. De BV bepaalde de omvang van de vergoeding niet op het genormeerde bedrag van 20% van de huurwaarde. De rechtbank vernietigde de boete wegens het ontbreken van tenminste grove schuld bij de BV. De rechtbank vond dat de BV niet hoefde te twijfelen aan de adviezen van haar accountant nu het een per 1 januari 2001 nieuw ingevoerde regeling betrof. Hof Leeuwarden vernietigde in hoger beroep de uitspraak van de rechtbank op dit punt. De genormeerde vergoeding gold met ingang van 1 januari 2001, maar voor de BV ging het niet om een nieuwe regeling voor een bestaande situatie. De BV verstrekte pas met ingang van 2001, dus onder de nieuwe regeling, een vergoeding aan de directeur. De BV had zich op dat moment moeten informeren over de fiscale gevolgen en toepasselijke wettelijke regelingen. De belastingdienst verstrekt jaarlijks aan inhoudingsplichtigen een handleiding loonheffing, waarin dit onderwerp ter sprake komt. Volgens het Hof was daarom sprake van grove schuld van de BV. Een boete van 25% van de nageheven belasting is dan redelijk.
De belastingdienst stelde bij een boekenonderzoek vast dat een BV te hoge onkostenvergoedingen betaalde aan haar directeur. In verband daarmee legde de belastingdienst een naheffingsaanslag loonbelasting op en een boete van 25% van de nageheven belasting. De te hoge vergoeding betrof het gebruik van een werkruimte in de eigen woning van de directeur. De BV bepaalde de omvang van de vergoeding niet op het genormeerde bedrag van 20% van de huurwaarde. De rechtbank vernietigde de boete wegens het ontbreken van tenminste grove schuld bij de BV. De rechtbank vond dat de BV niet hoefde te twijfelen aan de adviezen van haar accountant nu het een per 1 januari 2001 nieuw ingevoerde regeling betrof.
Hof Leeuwarden vernietigde in hoger beroep de uitspraak van de rechtbank op dit punt. De genormeerde vergoeding gold met ingang van 1 januari 2001, maar voor de BV ging het niet om een nieuwe regeling voor een bestaande situatie. De BV verstrekte pas met ingang van 2001, dus onder de nieuwe regeling, een vergoeding aan de directeur. De BV had zich op dat moment moeten informeren over de fiscale gevolgen en toepasselijke wettelijke regelingen. De belastingdienst verstrekt jaarlijks aan inhoudingsplichtigen een handleiding loonheffing, waarin dit onderwerp ter sprake komt. Volgens het Hof was daarom sprake van grove schuld van de BV. Een boete van 25% van de nageheven belasting is dan redelijk.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u