Subsidie onderhoudskosten was belast
Onder de werking van de Wet IB 1964 waren de opbrengsten van verhuurde onroerende zaken belast, terwijl de kosten die betrekking hadden op de panden, zoals onderhoudskosten, aftrekbaar waren. Subsidie van de overheid voor renovatie verminderde de aftrek van onderhoudskosten.
Een gemeente die zich had verplicht om een eigenaar van een aantal verhuurde onroerende zaken jaarlijks een bijdrage in de renovatiekosten te geven, stelde in het jaar 2000 voor om de resterende subsidie af te kopen. De afkoopsom bedroeg ƒ 286.000. De eigenaar en de belastingdienst verschilden van mening over de belastbaarheid van de ontvangen afkoopsom. Hof Den Haag oordeelde dat de afkoopsom als vergoeding van in het verleden in aftrek gebrachte onderhoudskosten niet belastbaar was. Het Hof ging er terecht vanuit dat de jaarlijkse subsidies bedoeld waren als vergoeding van onderhoudskosten die in het verleden door de eigenaar in aftrek zijn gebracht. Dergelijke bijdragen moeten in het jaar van ontvangst als negatieve kosten tot de inkomsten worden gerekend. Dat geldt ook voor een afkoopsom van resterende bijdragen. Het oordeel van het Hof dat de afkoopsom niet belast was, was daarmee onjuist. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het Hof vernietigd.
Onder de werking van de Wet IB 1964 waren de opbrengsten van verhuurde onroerende zaken belast, terwijl de kosten die betrekking hadden op de panden, zoals onderhoudskosten, aftrekbaar waren. Subsidie van de overheid voor renovatie verminderde de aftrek van onderhoudskosten.
Een gemeente die zich had verplicht om een eigenaar van een aantal verhuurde onroerende zaken jaarlijks een bijdrage in de renovatiekosten te geven, stelde in het jaar 2000 voor om de resterende subsidie af te kopen. De afkoopsom bedroeg ƒ 286.000. De eigenaar en de belastingdienst verschilden van mening over de belastbaarheid van de ontvangen afkoopsom. Hof Den Haag oordeelde dat de afkoopsom als vergoeding van in het verleden in aftrek gebrachte onderhoudskosten niet belastbaar was. Het Hof ging er terecht vanuit dat de jaarlijkse subsidies bedoeld waren als vergoeding van onderhoudskosten die in het verleden door de eigenaar in aftrek zijn gebracht. Dergelijke bijdragen moeten in het jaar van ontvangst als negatieve kosten tot de inkomsten worden gerekend. Dat geldt ook voor een afkoopsom van resterende bijdragen. Het oordeel van het Hof dat de afkoopsom niet belast was, was daarmee onjuist. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het Hof vernietigd.