
Sinds het Belastingplan 2009 hoeft een lijfrentecontract niet langer te worden gesplitst in een gedeelte dat wordt belast in box 1 en een gedeelte dat wordt belast in box 3 als niet alle premies in het verleden zijn afgetrokken. Met de niet afgetrokken premies wordt rekening gehouden door op reguliere uitkeringen de saldomethode toe te passen. Twee eerder in een besluit opgenomen goedkeuringen worden nu in de wet opgenomen. Het gaat om de gelijktrekking van de termijn voor de overgangsregeling voor Brede Herwaarderinglijfrenten en 2001-lijfrenten en voor pre Brede Herwaarderinglijfrenten. De saldomethode kan zonder begrenzing in hoogte (€ 2.269) worden toegepast op in de kalenderjaren 2001 tot en met 2009 betaalde premies.
Bij afkoopsommen van lijfrenten kan op grond van een goedkeuring rekening worden gehouden met niet (geheel) afgetrokken premies. Deze saldomethode kent geen begrenzing in de tijd.
Vanaf 2010 geldt dat niet in aftrek gebrachte premies tot een maximumbedrag van € 2.269 in aanmerking worden genomen.