Schenkingsrecht geen aftrekpost
Vermogensbestanddelen die door de houder van een aanmerkelijk belang ter beschikking worden gesteld aan de BV waarin hij een aanmerkelijk belang heeft, vallen niet in box 3 maar in box 1 onder de terbeschikkingstellingsregeling. Op de inkomsten die onder de terbeschikkingstelling vallen betrekking hebbende kosten zijn aftrekbaar van het resultaat uit de terbeschikkingstelling. Dat geldt bijvoorbeeld bij het doorlenen aan de BV van elders geleend geld. De ontvangen rente minus de betaalde rente is dan belast. Dat geldt echter niet voor alle betalingen. Zo leende een aanmerkelijk belanghouder het geld dat hij van zijn ouders had geleend door aan zijn BV. Toen de ouders hem de schuld kwijtscholden wilde de aandeelhouder het door hem betaalde schenkingsrecht aftrekken van het resultaat uit de terbeschikkingstelling. Dat werd hem niet toegestaan door Hof Arnhem. De schenking door de ouder vond plaats uit persoonlijke motieven en niet in het kader van de terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen. Het voordeel uit de schenking behoorde niet tot het resultaat uit overige werkzaamheden. De op de schenking drukkende lasten waren daarom niet aftrekbaar.
Vermogensbestanddelen die door de houder van een aanmerkelijk belang ter beschikking worden gesteld aan de BV waarin hij een aanmerkelijk belang heeft, vallen niet in box 3 maar in box 1 onder de terbeschikkingstellingsregeling. Op de inkomsten die onder de terbeschikkingstelling vallen betrekking hebbende kosten zijn aftrekbaar van het resultaat uit de terbeschikkingstelling. Dat geldt bijvoorbeeld bij het doorlenen aan de BV van elders geleend geld. De ontvangen rente minus de betaalde rente is dan belast. Dat geldt echter niet voor alle betalingen. Zo leende een aanmerkelijk belanghouder het geld dat hij van zijn ouders had geleend door aan zijn BV. Toen de ouders hem de schuld kwijtscholden wilde de aandeelhouder het door hem betaalde schenkingsrecht aftrekken van het resultaat uit de terbeschikkingstelling. Dat werd hem niet toegestaan door Hof Arnhem. De schenking door de ouder vond plaats uit persoonlijke motieven en niet in het kader van de terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen. Het voordeel uit de schenking behoorde niet tot het resultaat uit overige werkzaamheden. De op de schenking drukkende lasten waren daarom niet aftrekbaar.