
Voor schenkingen door ouders aan hun kinderen gelden vrijstellingen. Er geldt een normale vrijstelling van € 5.030 per kind per jaar. Voor een kind tussen de 18 en 35 jaar wordt het bedrag van de vrijstelling voor één kalenderjaar tot € 24.144 verhoogd, mits op deze verhoogde vrijstelling in de aangifte een beroep wordt gedaan.
Wanneer binnen Nederland gelegen onroerende zaken worden geschonken, wordt de schenkbelasting verminderd met de overdrachtsbelasting die verschuldigd is. De overdrachtsbelasting bedraagt 6% van de waarde van de verkrengen onroerende zaken.
Tot voor kort gold een vrijstelling van overdrachtsbelasting in geval van schenking van onroerende zaken. Voor zover een vrijstelling van schenkingsrecht van toepassing was, werd ter compensatie van de vrijstelling van overdrachtsbelasting over het vrijgestelde gedeelte toch schenkingsrecht geheven naar het tarief van de overdrachtsbelasting. Dat betekende dat de vrijstelling van schenkingsrecht feitelijk niet van toepassing was. Daarnaast moest over de gehele waarde van de geschonken onroerende zaken tenminste 6% belasting worden geheven. De belanghebbende meende dat over het bedrag van de vrijstelling geen schenkingsrecht mocht worden geheven omdat het totale bedrag aan schenkingsrecht al hoger was dan de overdrachtsbelasting over de waarde van de geschonken zaken. Deze opvatting is volgens Hof Leeuwarden niet juist.