
De minister van Financiën heeft een besluit uit 2004 over de fiscale behandeling van het zogenoemde salaire differé en de executeursbeloning aangepast in verband met de herziening van de Successiewet. Het besluit bevat een toelichting op de samenloop van successierecht met loon- of inkomstenbelasting bij erfrechtelijke verkrijgingen die het karakter hebben van een (achterstallige) beloning voor verrichte werkzaamheden. Het erfrecht bevat bepalingen over het zogenoemde salaire differé. Die zijn bedoeld om een kind of kleinkind van de erflater, dat als volwassene heeft gewerkt voor de erflater tegen een te lage arbeidsbeloning, alsnog een billijke beloning te laten krijgen voor de door hem verrichte arbeid. Een passende beloning kan het kind worden toegekend op de volgende manieren.
De staatssecretaris keurt goed dat een in het testament toegekende beloning of het salaire differé als nagekomen bedrijfslast bij de erflater in mindering op zijn winst in het jaar van overlijden wordt gebracht. De erflater moet dan wel tot zijn overlijden ondernemer in de zin van de Wet IB 2001 zijn geweest en de beloning of het salaire differé moet op die onderneming betrekking hebben. Als nagekomen bedrijfslast wordt in aanmerking genomen de beloning of het salaire differé voor zover dat als belastbaar inkomen uit werk en woning in de heffing van de loon- of inkomstenbelasting is betrokken.
Aan de executeur-testamentair kan een beloning worden toegekend in verband met de afwikkeling van de nalatenschap. Deze beloning is voor het successierecht geen last die de nalatenschap vermindert. De executeursbeloning kan belast zijn voor de inkomstenbelasting. Om discussie daarover te voorkomen keurt de staatssecretaris goed, dat de aan de executeur toegekende beloning, waarover successierecht is geheven, niet tot zijn inkomen wordt gerekend. Deze goedkeuring geldt alleen voor een executeur/erfgenaam of legataris die deze werkzaamheden niet beroepshalve verricht.