Reorganisatievrijstelling verviel door verbreken concern

Bij de overdracht van onroerende zaken moet overdrachtsbelasting betaald worden door de verkrijger. Voor diverse situaties zijn er vrijstellingen, bijvoorbeeld voor de levering van een onroerende zaak binnen een concern in verband met een reorganisatie. Deze vrijstelling is gebonden aan de voorwaarde dat beide vennootschappen deel blijven uitmaken van het concern gedurende een periode van 3 jaar na de transactie. Is dat niet het geval, dan wordt een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd om de vrijstelling ongedaan te maken. De topvennootschap van dit concern droeg de aandelen in de verkrijgende vennootschap over aan een stichting. De certificaten van die aandelen waren in bezit van een tot het concern behorende vennootschap. Een stichting kent geen in aandelen verdeeld kapitaal en voldoet daarmee niet aan de omschrijving van lichamen die onderdeel kunnen uitmaken van een concern. Dat had tot gevolg dat de vrijstelling van overdrachtsbelasting werd teruggenomen. Volgens Hof Amsterdam was geen andere conclusie mogelijk dan dat de verkrijgende vennootschap onmiddellijk na de levering van haar aandelen aan de stichting geen deel meer uitmaakte van een concern. Omdat het concern binnen drie jaren na de verkrijging van de onroerende zaak werd verbroken, moest alsnog overdrachtsbelasting betaald worden. Ook het beroep op het vertrouwens- en het gelijkheidsbeginsel werd afgewezen.
Bij de overdracht van onroerende zaken moet overdrachtsbelasting betaald worden door de verkrijger. Voor diverse situaties zijn er vrijstellingen, bijvoorbeeld voor de levering van een onroerende zaak binnen een concern in verband met een reorganisatie. Deze vrijstelling is gebonden aan de voorwaarde dat beide vennootschappen deel blijven uitmaken van het concern gedurende een periode van 3 jaar na de transactie. Is dat niet het geval, dan wordt een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd om de vrijstelling ongedaan te maken.
De topvennootschap van dit concern droeg de aandelen in de verkrijgende vennootschap over aan een stichting. De certificaten van die aandelen waren in bezit van een tot het concern behorende vennootschap. Een stichting kent geen in aandelen verdeeld kapitaal en voldoet daarmee niet aan de omschrijving van lichamen die onderdeel kunnen uitmaken van een concern. Dat had tot gevolg dat de vrijstelling van overdrachtsbelasting werd teruggenomen.
Volgens Hof Amsterdam was geen andere conclusie mogelijk dan dat de verkrijgende vennootschap onmiddellijk na de levering van haar aandelen aan de stichting geen deel meer uitmaakte van een concern. Omdat het concern binnen drie jaren na de verkrijging van de onroerende zaak werd verbroken, moest alsnog overdrachtsbelasting betaald worden. Ook het beroep op het vertrouwens- en het gelijkheidsbeginsel werd afgewezen.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u