Rechtsvermoeden van werkgeverschap
Bij de Tweede Kamer is een voorstel tot wijziging van de Wet Minimumloon en Minimumvakantiebijslag in verband met het verduidelijken van het rechtsvermoeden van werkgeverschap in behandeling. Het wetsvoorstel creëert een vermoeden van het bestaan van een dienstbetrekking bij werkgevers die geen of onvoldoende medewerking verlenen aan een controle in het kader van de naleving van de Wet Minimumloon en Minimumvakantiebijslag. Een werkgever die geen gegevens overlegt of het bestaan van een dienstbetrekking blijft ontkennen, zou zonder dit vermoeden de controle in het kader van de wet kunnen ontlopen. Dat is ongewenst. Daarom wordt voorgesteld een weerlegbaar rechtsvermoeden in de wet op te nemen. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de nota naar aanleiding van het verslag naar de Tweede Kamer gestuurd. De nota bevat de antwoorden op vragen die door de Kamerfracties zijn gesteld.
Bij de Tweede Kamer is een voorstel tot wijziging van de Wet Minimumloon en Minimumvakantiebijslag in verband met het verduidelijken van het rechtsvermoeden van werkgeverschap in behandeling. Het wetsvoorstel creëert een vermoeden van het bestaan van een dienstbetrekking bij werkgevers die geen of onvoldoende medewerking verlenen aan een controle in het kader van de naleving van de Wet Minimumloon en Minimumvakantiebijslag. Een werkgever die geen gegevens overlegt of het bestaan van een dienstbetrekking blijft ontkennen, zou zonder dit vermoeden de controle in het kader van de wet kunnen ontlopen. Dat is ongewenst. Daarom wordt voorgesteld een weerlegbaar rechtsvermoeden in de wet op te nemen. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de nota naar aanleiding van het verslag naar de Tweede Kamer gestuurd. De nota bevat de antwoorden op vragen die door de Kamerfracties zijn gesteld.