Rechtsbescherming belastingbetalers is niet verminderd
Het Besluit Fiscaal Bestuursrecht (BFB) heeft per 15 februari 2007 het Voorschrift Algemene wet bestuursrecht (Awb) 1997 vervangen. In de Tweede Kamer zijn vragen gesteld over de mogelijke verslechtering van de rechtsbescherming van belastingbetalers die hiervan het gevolg zou zijn. De verzendtheorie die als uitgangspunt geldt voor de Awb is niet meer uitdrukkelijk opgenomen in het BFB. Volgens de verzendtheorie is een per post verzonden bezwaarschrift dat binnen zeven weken na dagtekening van de bestreden aanslag door de inspecteur is ontvangen als regel ontvankelijk hoewel de bezwaartermijn van zes weken is verstreken. Onder het BFB geldt de wettelijke verzendtheorie onverkort. Volgens de Awb mag een ambtenaar die een bepaald besluit heeft genomen krachtens mandaat niet beslissen op een bezwaarschrift tegen dat besluit. Ten aanzien van het hoorgesprek in de bezwaarfase kan uit deze bepaling worden afgeleid dat het hoorgesprek wordt gedaan door een ambtenaar die niet bij het voorbereiden van het bestreden besluit betrokken is geweest. De staatssecretaris is van mening dat de rechtsbescherming voldoende gewaarborgd is.
Het Besluit Fiscaal Bestuursrecht (BFB) heeft per 15 februari 2007 het Voorschrift Algemene wet bestuursrecht (Awb) 1997 vervangen. In de Tweede Kamer zijn vragen gesteld over de mogelijke verslechtering van de rechtsbescherming van belastingbetalers die hiervan het gevolg zou zijn. De verzendtheorie die als uitgangspunt geldt voor de Awb is niet meer uitdrukkelijk opgenomen in het BFB. Volgens de verzendtheorie is een per post verzonden bezwaarschrift dat binnen zeven weken na dagtekening van de bestreden aanslag door de inspecteur is ontvangen als regel ontvankelijk hoewel de bezwaartermijn van zes weken is verstreken. Onder het BFB geldt de wettelijke verzendtheorie onverkort. Volgens de Awb mag een ambtenaar die een bepaald besluit heeft genomen krachtens mandaat niet beslissen op een bezwaarschrift tegen dat besluit. Ten aanzien van het hoorgesprek in de bezwaarfase kan uit deze bepaling worden afgeleid dat het hoorgesprek wordt gedaan door een ambtenaar die niet bij het voorbereiden van het bestreden besluit betrokken is geweest. De staatssecretaris is van mening dat de rechtsbescherming voldoende gewaarborgd is.