
Volgens vaste rechtspraak van het Hof van Justitie EU is een niet-ingezetene vergelijkbaar met een ingezetene als hij vrijwel zijn hele inkomen in de werkstaat verdient en in de woonstaat geen rekening kan worden gehouden met zijn persoonlijke en gezinssituatie. De werkstaat moet de niet-ingezetene dan als ingezetene behandelen. Met betrekking tot de negatieve opbrengst van in het buitenland gelegen woningen heeft het Hof van Justitie EU nadere regels gegeven in het arrest Renneberg.
Hof Den Bosch paste deze regels toe op een in Duitsland wonende medisch specialist, die gedurende drie maanden in
Het hof merkte op dat de noodzaak tot gelijke behandeling zou wegvallen als de specialist na afloop van de eerste drie maanden van het jaar in Duitsland alsnog voldoende inkomen zou verwerven om Duitsland in staat te stellen met zijn persoonlijke en gezinsomstandigheden rekening te houden. Die situatie deed zich niet voor omdat de specialist de rest van het jaar in de Verenigde Staten werkte en woonde. Volgens het hof moet een niet-ingezetene in zo’n geval op één lijn worden gesteld met een inwoner van Nederland van wie de belastingplicht door emigratie naar de Verenigde Staten eindigt. Een dergelijke belastingplichtige kan de negatieve inkomsten uit zijn woning in mindering brengen op het inkomen dat hij genoot tot aan het moment van emigratie.