Premieplicht Nederlandse volksverzekeringen
Een belanghebbende kan zich beroepen op bij hem door de inspecteur opgewekt vertrouwen indien de inspecteur op basis van volledig inzicht in de feiten de indruk heeft gewekt dat hij een zeker standpunt heeft ingenomen en de situatie nadien niet is veranderd.
Een werknemer meende op basis van een eerdere standpuntbepaling van de inspecteur dat hij ook in 2002 zou zijn vrijgesteld van de premieheffing voor de Nederlandse volksverzekeringen. In voorgaande jaren werkte de belanghebbende op verschillende locaties, zowel binnen Nederland, binnen de Europese Unie als elders. In die periode had hij zowel binnen- als buitenlandse werkgevers. Gezien de wisselende omstandigheden kon volgens Hof Amsterdam een standpuntbepaling van de inspecteur over enig jaar niet zonder meer van toepassing zijn in een volgend jaar.
In 2002 werkte de belanghebbende het gehele jaar in dienst van een binnenlandse werkgever. De Sociale Verzekeringsbank had voor 2002 een verklaring afgegeven dat de werknemer als verzekerde onderworpen was aan de Nederlandse wetgeving. In eerdere jaren had de Sociale Verzekeringsbank dergelijke verklaringen niet afgegeven. Daarom kon de standpuntbepaling van de inspecteur voor de jaren 1999 en 2000 niet het vertrouwen wekken dat de inspecteur ook over het jaar 2002 een gedeelte van de premies volksverzekeringen niet zou heffen.
Een belanghebbende kan zich beroepen op bij hem door de inspecteur opgewekt vertrouwen indien de inspecteur op basis van volledig inzicht in de feiten de indruk heeft gewekt dat hij een zeker standpunt heeft ingenomen en de situatie nadien niet is veranderd.
Een werknemer meende op basis van een eerdere standpuntbepaling van de inspecteur dat hij ook in 2002 zou zijn vrijgesteld van de premieheffing voor de Nederlandse volksverzekeringen. In voorgaande jaren werkte de belanghebbende op verschillende locaties, zowel binnen Nederland, binnen de Europese Unie als elders. In die periode had hij zowel binnen- als buitenlandse werkgevers. Gezien de wisselende omstandigheden kon volgens Hof Amsterdam een standpuntbepaling van de inspecteur over enig jaar niet zonder meer van toepassing zijn in een volgend jaar.
In 2002 werkte de belanghebbende het gehele jaar in dienst van een binnenlandse werkgever. De Sociale Verzekeringsbank had voor 2002 een verklaring afgegeven dat de werknemer als verzekerde onderworpen was aan de Nederlandse wetgeving. In eerdere jaren had de Sociale Verzekeringsbank dergelijke verklaringen niet afgegeven. Daarom kon de standpuntbepaling van de inspecteur voor de jaren 1999 en 2000 niet het vertrouwen wekken dat de inspecteur ook over het jaar 2002 een gedeelte van de premies volksverzekeringen niet zou heffen.