
Uit een arrest van de Hoge Raad uit 2000 volgt dat een ondernemer een passiefpost op zijn balans moet opnemen voor verplichtingen die op de balansdatum juridisch afdwingbaar en voldoende bepaalbaar zijn. Dat geldt ook voor voorwaardelijke verplichtingen. In een arrest uit 1984 heeft de Hoge Raad gezegd dat het bestaan op de balansdatum van juridisch afdwingbare verplichtingen objectief bekeken moet worden.
Een golfclub had de verplichting om bij het opzeggen van een lid 70% van het door het lid betaalde entreegeld terug te betalen als op dat moment tenminste 10 potentiële spelers op de wachtlijst stonden. In bijna alle gevallen was op het moment van opzegging aan die voorwaarde voldaan. Deze voorwaarde was objectief omdat deze buiten de invloedssfeer van de golfclub en het opzeggende lid lag. Naar het oordeel van Hof Arnhem was passivering verplicht.
Vervolgens moest het hof beoordelen welk bedrag als verplichting op de balans gezet kon worden. Er stond vast dat ieder jaar ongeveer 10% van de leden opzegde en dat alleen de gewone leden entreegeld hebben betaald. In de periode van 2004 tot en met 2009 werd per jaar gemiddeld € 83.497 terugbetaald. Voor de periode van 2004 tot en met 2013 rekende het hof met dit gemiddelde. De contante waarde van de verplichting bij een rente van 4% bedroeg op 31 december 2003 € 677.235.