Oprenting earn-outverplichting

De Wet op de Vennootschapsbelasting bevat een deelnemingsvrijstelling, die inhoudt dat de voordelen die een deelneming in een andere vennootschap oplevert niet tot de winst van de aandeelhouder worden gerekend. Ook de aankoopkosten van een deelneming vallen onder de vrijstelling en zijn dus niet aftrekbaar van de winst. Wanneer een deelneming wordt gekocht voor een prijs die bestaat uit een of meer termijnen waarvan de omvang in het jaar van aankoop nog niet vaststaat (een earn-outregeling), vallen de waardeveranderingen van de verplichting van de koper eveneens onder de deelnemingsvrijstelling. Dat blijft ook gelden wanneer de verkregen deelneming wordt opgenomen in een fiscale eenheid.

 

In een door de rechtbank Arnhem behandelde zaak bestond de koopsom voor een deelneming uit een basisdeel en een resultaatafhankelijk deel. Het basisdeel was afhankelijk van het resultaat over 2006. Het resultaatafhankelijk deel was afhankelijk van de resultaten in de jaren 2007 tot en met 2013. De koopsom kende een minimum en een maximum. De koper verhoogde de betalingsverplichting met rente. Deze rente wilde hij ten laste van de winst brengen. Naar de mening van de koper viel deze oprenting niet onder de waardeveranderingen van de earn-outverplichting en dus niet onder de deelnemingsvrijstelling.

Volgens de rechtbank moet op het tijdstip waarop de deelneming is verkregen (in dit geval 31 mei 2006) worden beoordeeld of er onzekerheid bestaat over het aantal termijnen of over de hoogte daarvan. Die onzekerheid was er omdat zowel het basisdeel als het resultaatafhankelijke deel van de koopsom op dat moment niet vast stond. De gegarandeerde minimumprijs was niet van belang. De rechtbank was van oordeel dat in dit geval van een vaste minimumkoopprijs geen sprake was, omdat de hoogte van het minimumbedrag deels afhankelijk was van het basisdeel van de koopprijs.

De rechtbank oordeelde onder verwijzing naar de wetsgeschiedenis dat de wetgever zowel het rente- als het valuta-element nadrukkelijk heeft aangemerkt als waardeveranderingen van de earn-outverplichting die onder de deelnemingsvrijstelling vallen.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De Wet op de Vennootschapsbelasting bevat een deelnemingsvrijstelling, die inhoudt dat de voordelen die een deelneming in een andere vennootschap oplevert niet tot de winst van de aandeelhouder worden gerekend. Ook de aankoopkosten van een deelneming vallen onder de vrijstelling en zijn dus niet aftrekbaar van de winst. Wanneer een deelneming wordt gekocht voor een prijs die bestaat uit een of meer termijnen waarvan de omvang in het jaar van aankoop nog niet vaststaat (een earn-outregeling), vallen de waardeveranderingen van de verplichting van de koper eveneens onder de deelnemingsvrijstelling. Dat blijft ook gelden wanneer de verkregen deelneming wordt opgenomen in een fiscale eenheid. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">In een door de rechtbank Arnhem behandelde zaak bestond de koopsom voor een deelneming uit een basisdeel en een resultaatafhankelijk deel. Het basisdeel was afhankelijk van het resultaat over 2006. Het resultaatafhankelijk deel was afhankelijk van de resultaten in de jaren 2007 tot en met 2013. De koopsom kende een minimum en een maximum. De koper verhoogde de betalingsverplichting met rente. Deze rente wilde hij ten laste van de winst brengen. Naar de mening van de koper viel deze oprenting niet onder de waardeveranderingen van de earn-outverplichting en dus niet onder de deelnemingsvrijstelling.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Volgens de rechtbank moet op het tijdstip waarop de deelneming is verkregen (in dit geval 31 mei 2006) worden beoordeeld of er onzekerheid bestaat over het aantal termijnen of over de hoogte daarvan. Die onzekerheid was er omdat zowel het basisdeel als het resultaatafhankelijke deel van de koopsom op dat moment niet vast stond. De gegarandeerde minimumprijs was niet van belang. De rechtbank was van oordeel dat in dit geval van een vaste minimumkoopprijs geen sprake was, omdat de hoogte van het minimumbedrag deels afhankelijk was van het basisdeel van de koopprijs. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De rechtbank oordeelde onder verwijzing naar de wetsgeschiedenis dat de wetgever zowel het rente- als het valuta-element nadrukkelijk heeft aangemerkt als waardeveranderingen van de earn-outverplichting die onder de deelnemingsvrijstelling vallen.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u