
De wet geeft de inspecteur de bevoegdheid om voorlopige aanslagen op te leggen wanneer hij van mening is dat het bedrag waarop de aanslag na verrekening van voorheffingen en eerdere voorlopige aanslagen vermoedelijk zal worden vastgesteld dit rechtvaardigt.
De inspecteur heeft hierbij een zekere mate van bewegingsvrijheid. Toch moet de inspecteur bij het opleggen van een voorlopige aanslag en vooral bij het bepalen van de hoogte van de vermoedelijke belastingschuld rekening houden met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Een inspecteur die in een voorlopige aanslag een flink bedrag aan inkomen in box 2 opnam, handelde volgens Hof Den Haag niet zorgvuldig. In het voorgaande jaar was in de voorlopige aanslag een bedrag van €