
Een voordeel vormt alleen dan inkomen en is dus alleen dan belastbaar met inkomstenbelasting als er een bepaalde bron aan ten grondslag ligt. Aan een bron van inkomen worden drie voorwaarden gesteld:
1. er moet arbeid zijn verricht in het economische verkeer,
2. met het (subjectieve) oogmerk om voordeel te behalen, en
3. met de (objectieve) verwachting dat het voordeel redelijkerwijs kan worden behaald.
Iemand die op eigen naam, maar voor rekening en risico van anderen, grond aankocht en gelijktijdig doorverkocht en leverde ontving daarvoor een bedrag van € 45.378.
Naar zijn mening was deze bate onbelast omdat het ging om transacties in de vermogenssfeer. De rechtbank deelde deze opvatting niet. Er was een overeenkomst opgesteld tussen de handelende partij en zijn beide opdrachtgevers, waarin stond wat zijn taken waren en welke beloning hij zou ontvangen bij succesvolle afronding van de transacties. Beide opdrachtgevers wisten dat op korte termijn winst kon worden behaald bij doorverkoop van de aan te kopen percelen omdat er een bestemmingswijziging aan zat te komen. Deze winst is ook behaald. De rechtbank stelde vast dat er werkzaamheden waren verricht waarvoor een vergoeding van € 45.378 was ontvangen. Deze vergoeding was beoogd en kon redelijkerwijs ook verwacht worden. Daarmee was voldaan aan de voorwaarden voor een bron van inkomen.