Ook bij willekeurige afschrijving pand rekening houden met restwaarde
Een ondernemer koopt een kantoorpand, dat hij tot zijn ondernemingsvermogen rekent. Hij wil de waarde van de opstal, met gebruikmaking van de mogelijkheid van willekeurige afschrijving, in twee jaar ten laste van zijn resultaat brengen zonder rekening te houden met een restwaarde van de opstal. De restwaarde van de opstal bedraagt volgens de taxatierapporten, waarop de inspecteur zich beroept, tenminste ƒ 90.000. De ondernemer toont een lagere restwaarde niet aan. Dat in het eerste jaar na aanschaf de inspecteur de afschrijving heeft geaccepteerd volgens de berekening van de ondernemer heeft niet tot gevolg, dat inspecteur bij de ondernemer het vertrouwen heeft opgewekt, dat zijn zienswijze juist is. De inspecteur heeft zich bij de aanslagregeling over het eerste jaar niet uitgelaten over de afschrijvingen.
Een ondernemer koopt een kantoorpand, dat hij tot zijn ondernemingsvermogen rekent. Hij wil de waarde van de opstal, met gebruikmaking van de mogelijkheid van willekeurige afschrijving, in twee jaar ten laste van zijn resultaat brengen zonder rekening te houden met een restwaarde van de opstal. De restwaarde van de opstal bedraagt volgens de taxatierapporten, waarop de inspecteur zich beroept, tenminste ƒ 90.000. De ondernemer toont een lagere restwaarde niet aan. Dat in het eerste jaar na aanschaf de inspecteur de afschrijving heeft geaccepteerd volgens de berekening van de ondernemer heeft niet tot gevolg, dat inspecteur bij de ondernemer het vertrouwen heeft opgewekt, dat zijn zienswijze juist is. De inspecteur heeft zich bij de aanslagregeling over het eerste jaar niet uitgelaten over de afschrijvingen.