Onjuiste uitvoering fietsenplan
Werkgevers kunnen aan werknemers belastingvrij een fiets verstrekken of vergoeden. Deze mogelijkheid heeft geleid tot invoering van zogenaamde fietsenplannen. In dergelijke plannen is veelal als uitgangspunt genomen dat loon wordt ingeleverd in ruil voor de verstrekking of vergoeding van een fiets. Het inleveren van loon moet, om de gewenste gevolgen te hebben voor de loonbelasting en de premieheffing werknemersverzekeringen, wel goed geadministreerd worden. Als er geen gevolgen zijn voor bijvoorbeeld vakantiegeld of pensioen, wordt het inleveren van loon vaak genegeerd omdat er geen sprake zou zijn van een verlaging van het contractloon. In dergelijke gevallen wordt de werknemer onbedoeld en onverwacht geconfronteerd met heffing van loonbelasting en/of premieheffing over wat een onbelaste vergoeding of verstrekking zou moeten zijn.
De Centrale Raad van Beroep liet wegens het niet verlagen van de contractlonen opgelegde naheffingen werknemerspremies in stand. De werkgever ging in cassatie tegen deze uitspraak bij de Hoge Raad. De mogelijkheden voor cassatie zijn echter in premieheffingszaken beperkt tot de uitleg van het loonbegrip. De klachten van de werkgever tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep hadden geen betrekking op de uitleg van het loonbegrip en konden niet tot cassatie leiden.
Werkgevers kunnen aan werknemers belastingvrij een fiets verstrekken of vergoeden. Deze mogelijkheid heeft geleid tot invoering van zogenaamde fietsenplannen. In dergelijke plannen is veelal als uitgangspunt genomen dat loon wordt ingeleverd in ruil voor de verstrekking of vergoeding van een fiets. Het inleveren van loon moet, om de gewenste gevolgen te hebben voor de loonbelasting en de premieheffing werknemersverzekeringen, wel goed geadministreerd worden. Als er geen gevolgen zijn voor bijvoorbeeld vakantiegeld of pensioen, wordt het inleveren van loon vaak genegeerd omdat er geen sprake zou zijn van een verlaging van het contractloon. In dergelijke gevallen wordt de werknemer onbedoeld en onverwacht geconfronteerd met heffing van loonbelasting en/of premieheffing over wat een onbelaste vergoeding of verstrekking zou moeten zijn.
De Centrale Raad van Beroep liet wegens het niet verlagen van de contractlonen opgelegde naheffingen werknemerspremies in stand. De werkgever ging in cassatie tegen deze uitspraak bij de Hoge Raad. De mogelijkheden voor cassatie zijn echter in premieheffingszaken beperkt tot de uitleg van het loonbegrip. De klachten van de werkgever tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep hadden geen betrekking op de uitleg van het loonbegrip en konden niet tot cassatie leiden.