Onjuiste objectafbakening WOZ
De Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ) bepaalt dat aan onroerende zaken een waarde wordt toegekend. De eerste stap in het traject van de waardebepaling is de bepaling van het te waarderen object. De Wet WOZ schrijft voor op welke wijze deze objectafbakening moet plaatsvinden. Na de objectafbakening volgt de waardering van de afgebakende onroerende zaak. Ook daarvoor bevat de Wet WOZ voorschriften. In een procedure rust de bewijslast, dat de vastgestelde waarde niet te hoog is, op de gemeente. Alleen als de gemeente er niet in slaagt om te bewijzen dat de vastgestelde waarde niet te hoog is, komt de vraag aan de orde of de belanghebbende de door hem verdedigde waarde aannemelijk maakt.
De bewijslast voor de vastgestelde waarde omvat ook de juistheid van de toegepaste objectafbakening. Bij de objectafbakening heeft de gemeente geen beoordelingsvrijheid, aangezien de objectafbakening rechtstreeks voortvloeit uit de wet.
In een procedure stelde de rechtbank Den Haag vast dat een gemeente bij de waardebepaling en -vaststelling was uitgegaan van een onjuiste objectafbakening. De gemeente had namelijk verschillende objecten onderscheiden waar zij van één groter object had moeten uitgaan. De op basis van de onjuiste waardebeschikkingen opgelegde aanslagen zijn door de rechtbank vernietigd.
De Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ) bepaalt dat aan onroerende zaken een waarde wordt toegekend. De eerste stap in het traject van de waardebepaling is de bepaling van het te waarderen object. De Wet WOZ schrijft voor op welke wijze deze objectafbakening moet plaatsvinden. Na de objectafbakening volgt de waardering van de afgebakende onroerende zaak. Ook daarvoor bevat de Wet WOZ voorschriften. In een procedure rust de bewijslast, dat de vastgestelde waarde niet te hoog is, op de gemeente. Alleen als de gemeente er niet in slaagt om te bewijzen dat de vastgestelde waarde niet te hoog is, komt de vraag aan de orde of de belanghebbende de door hem verdedigde waarde aannemelijk maakt.
De bewijslast voor de vastgestelde waarde omvat ook de juistheid van de toegepaste objectafbakening. Bij de objectafbakening heeft de gemeente geen beoordelingsvrijheid, aangezien de objectafbakening rechtstreeks voortvloeit uit de wet.
In een procedure stelde de rechtbank Den Haag vast dat een gemeente bij de waardebepaling en -vaststelling was uitgegaan van een onjuiste objectafbakening. De gemeente had namelijk verschillende objecten onderscheiden waar zij van één groter object had moeten uitgaan. De op basis van de onjuiste waardebeschikkingen opgelegde aanslagen zijn door de rechtbank vernietigd.