
Op een aanslagbiljet moet tenminste een aantal gegevens worden vermeld om te kunnen vaststellen voor wie het is bestemd. Volgens de Hoge Raad dienen de volgende gegevens vermeld te worden: de termijn van betaling, de naam van de belastingschuldige, het bedrag van de aanslag en de plaats van betaling. Wanneer de op het aanslagbiljet vermelde gegevens twijfel oproepen of het aanslagbiljet wel bestemd is voor degene op wiens naam de aanslag is gesteld, voldoet het aanslagbiljet niet aan de vereisten voor het doen ontstaan van een betalingsverplichting. Het fiscale nummer van de belastingplichtige vormt in het algemeen geen essentieel onderdeel van het aanslagbiljet.
De Hoge Raad heeft een uitspraak van Hof Amsterdam vernietigd waarin het hof van oordeel was dat door het vermelden van een onjuist fiscaal nummer het aanslagbiljet twijfel opriep voor wie het was bestemd.