Onderwijsvrijstelling BTW niet van toepassing op detachering van docenten
Een instelling die onderwijs verzorgde hield zich ook bezig met het detacheren van leraren bij andere onderwijsinstellingen. Deze leraren waren in dienst bij de detacheerder. De onderwijsactiviteiten waren van omzetbelasting vrijgestelde prestaties. De onderwijsinstelling was van mening, dat ook de detachering van de leraren onder de onderwijsvrijstelling viel. De belastingdienst deelde dat standpunt niet en legde een naheffingsaanslag op. In de procedure voor Hof Amsterdam deed de onderwijsinstelling een beroep op de zesde BTW-richtlijn van de EG. Daarin is geregeld, dat de vrijstelling van omzetbelasting voor onderwijs ook geldt voor diensten en goederenleveringen die nauw met onderwijs samenhangen. Die bepaling heeft betrekking op het door de instelling zelf gegeven onderwijs. Volgens het Hof hangt de detachering van leraren niet nauw samen met het onderwijs dat deze instelling zelf verstrekt, maar met het onderwijs dat de inlenende onderwijsinstelling verstrekt. Daarop is de vrijstelling niet van toepassing. De vrijstelling kan volgens het Hof wel van toepassing zijn als de aan andere onderwijsinstellingen geleverde diensten een afzonderlijk geheel vormen en die diensten kenmerkend en essentieel zijn voor het door hen verzorgde onderwijs. In dit geval was dat niet zo, omdat de gedetacheerde leraren onder gezag stonden van de inlenende onderwijsinstelling, die zelf volledig verantwoordelijk was voor het verstrekte onderwijs. De naheffingsaanslag bleef in stand.
Een instelling die onderwijs verzorgde hield zich ook bezig met het detacheren van leraren bij andere onderwijsinstellingen. Deze leraren waren in dienst bij de detacheerder. De onderwijsactiviteiten waren van omzetbelasting vrijgestelde prestaties. De onderwijsinstelling was van mening, dat ook de detachering van de leraren onder de onderwijsvrijstelling viel. De belastingdienst deelde dat standpunt niet en legde een naheffingsaanslag op. In de procedure voor Hof Amsterdam deed de onderwijsinstelling een beroep op de zesde BTW-richtlijn van de EG. Daarin is geregeld, dat de vrijstelling van omzetbelasting voor onderwijs ook geldt voor diensten en goederenleveringen die nauw met onderwijs samenhangen. Die bepaling heeft betrekking op het door de instelling zelf gegeven onderwijs. Volgens het Hof hangt de detachering van leraren niet nauw samen met het onderwijs dat deze instelling zelf verstrekt, maar met het onderwijs dat de inlenende onderwijsinstelling verstrekt. Daarop is de vrijstelling niet van toepassing. De vrijstelling kan volgens het Hof wel van toepassing zijn als de aan andere onderwijsinstellingen geleverde diensten een afzonderlijk geheel vormen en die diensten kenmerkend en essentieel zijn voor het door hen verzorgde onderwijs. In dit geval was dat niet zo, omdat de gedetacheerde leraren onder gezag stonden van de inlenende onderwijsinstelling, die zelf volledig verantwoordelijk was voor het verstrekte onderwijs. De naheffingsaanslag bleef in stand.