Ondernemerschap predikant?

In een arrest uit januari 2007 heeft de Hoge Raad de inkomsten van een predikant die hij ontvangt van een vaste gemeente (zonder gezagsverhouding of dienstbetrekking) aangemerkt als overige inkomsten uit arbeid onder de Wet IB 1964 en, anders dan de predikant voorstond, niet als winst uit onderneming. Voor de afgrenzing van inkomsten uit arbeid naar het zelfstandig uitgeoefend beroep is volgens dat arrest bepalend of de werkzaamheden zelfstandig en voor eigen rekening worden verricht en of daarbij ondernemingsrisico wordt gelopen. Hof Arnhem sloot voor de toepassing van de Wet IB 2001 bij dat arrest aan. De predikant in deze procedure ontving voor zijn reguliere werkzaamheden, ongeacht de hoeveelheid en de kwaliteit daarvan, een vast traktement van de gemeente waar hij werkzaam was. Dat betekende dat de predikant geen ondernemersrisico liep. Evenmin liep hij een substantieel debiteurenrisico. Meer dan 93% van zijn totale inkomsten ontving hij als vaste beloning zonder daarvoor bedragen in rekening te brengen aan derden. De predikant had niet aangevoerd dat hij voor de neveninkomsten wel een substantieel debiteurenrisico liep. De zelfstandigheid in de uitoefening van de functie was volgens het Hof onvoldoende bepalend om de predikant als een zelfstandige beroepsbeoefenaar aan te kunnen merken. De predikant had geen recht op zelfstandigenaftrek.
In een arrest uit januari 2007 heeft de Hoge Raad de inkomsten van een predikant die hij ontvangt van een vaste gemeente (zonder gezagsverhouding of dienstbetrekking) aangemerkt als overige inkomsten uit arbeid onder de Wet IB 1964 en, anders dan de predikant voorstond, niet als winst uit onderneming. Voor de afgrenzing van inkomsten uit arbeid naar het zelfstandig uitgeoefend beroep is volgens dat arrest bepalend of de werkzaamheden zelfstandig en voor eigen rekening worden verricht en of daarbij ondernemingsrisico wordt gelopen.
Hof Arnhem sloot voor de toepassing van de Wet IB 2001 bij dat arrest aan. De predikant in deze procedure ontving voor zijn reguliere werkzaamheden, ongeacht de hoeveelheid en de kwaliteit daarvan, een vast traktement van de gemeente waar hij werkzaam was. Dat betekende dat de predikant geen ondernemersrisico liep. Evenmin liep hij een substantieel debiteurenrisico. Meer dan 93% van zijn totale inkomsten ontving hij als vaste beloning zonder daarvoor bedragen in rekening te brengen aan derden. De predikant had niet aangevoerd dat hij voor de neveninkomsten wel een substantieel debiteurenrisico liep. De zelfstandigheid in de uitoefening van de functie was volgens het Hof onvoldoende bepalend om de predikant als een zelfstandige beroepsbeoefenaar aan te kunnen merken. De predikant had geen recht op zelfstandigenaftrek.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u