Onbezoldigde bestuurder stichting

Na een faillissement van een stichting werd een voormalig bestuurder aansprakelijk gesteld door de curator. Uiteindelijk kwam een minnelijke regeling tot stand op grond waarvan de bestuurder een aantal betalingen deed aan de curator. De aard van deze betalingen stond civielrechtelijk niet vast. De bestuurder was niet in dienstbetrekking werkzaam bij de stichting en ontving geen enkele beloning voor zijn werkzaamheden. Wel had de stichting in een reeks van jaren privé-uitgaven voor de bestuurder betaald. Volgens Hof Amsterdam vormden de werkzaamheden als bestuurder geen bron van inkomen. De betalingen die de bestuurder na het faillissement deed konden daarom niet als negatieve inkomsten worden aangemerkt en evenmin als kosten die op inkomsten uit arbeid drukten.

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie tegen de uitspraak van Hof Amsterdam afgewezen. Het oordeel van het hof dat het verrichten van de werkzaamheden als bestuurder door belanghebbende geen bron van inkomen vormt is juist. Dit heeft tot gevolg dat de als schadevergoeding te kwalificeren betalingen geen negatieve opbrengsten van de werkzaamheden als bestuurder zijn en evenmin als aftrekbare kosten ter zake daarvan kunnen worden aangemerkt. De voordelen die de bestuurder heeft genoten door privé-uitgaven door de stichting te laten betalen vormden inkomsten uit arbeid die niet in dienstbetrekking is verricht. Die inkomsten zijn in de betreffende jaren niet in de belastingheffing betrokken. Voor zover de latere betalingen aan de stichting als een terugbetaling van die inkomsten zijn aan te merken, zijn zij niet aftrekbaar omdat de inkomsten niet belast zijn geworden.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >Na een faillissement van een stichting werd een voormalig bestuurder aansprakelijk gesteld door de curator. Uiteindelijk kwam een minnelijke regeling tot stand op grond waarvan de bestuurder een aantal betalingen deed aan de curator. De aard van deze betalingen stond civielrechtelijk niet vast. De bestuurder was niet in dienstbetrekking werkzaam bij de stichting en ontving geen enkele beloning voor zijn werkzaamheden. Wel had de stichting in een reeks van jaren privé-uitgaven voor de bestuurder betaald. Volgens Hof Amsterdam vormden de werkzaamheden als bestuurder geen bron van inkomen. De betalingen die de bestuurder na het faillissement deed konden daarom niet als negatieve inkomsten worden aangemerkt en evenmin als kosten die op inkomsten uit arbeid drukten.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie tegen de uitspraak van Hof Amsterdam afgewezen. Het oordeel van het hof dat het verrichten van de werkzaamheden als bestuurder door belanghebbende geen bron van inkomen vormt is juist. Dit heeft tot gevolg dat de als schadevergoeding te kwalificeren betalingen geen negatieve opbrengsten van de werkzaamheden als bestuurder zijn en evenmin als aftrekbare kosten ter zake daarvan kunnen worden aangemerkt. De voordelen die de bestuurder heeft genoten door privé-uitgaven door de stichting te laten betalen vormden inkomsten uit arbeid die niet in dienstbetrekking is verricht. Die inkomsten zijn in de betreffende jaren niet in de belastingheffing betrokken. Voor zover de latere betalingen aan de stichting als een terugbetaling van die inkomsten zijn aan te merken, zijn zij niet aftrekbaar omdat de inkomsten niet belast zijn geworden.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u