Normrente personeelsleningen zakt naar 3,5% met ingang van 1 januari 2005
Een eventueel rentevoordeel op een personeelslening vormt een zogenaamde vrije verstrekking en is dus niet belast voor zover de rente hoger is dan een normpercentage. Wanneer de bedongen rente lager is dan dat normpercentage vormt het verschil loon voor de betreffende werknemer. Met ingang van 2004 is het normpercentage gelijk aan het percentage van de heffings- en invorderingsrente voor het eerste kalenderkwartaal van een kalenderjaar. In 2004 was dat 3,5%. Vanwege de verhoging van de heffings- en invorderingsrente met een opslag van 1,5% volgens het Belastingplan 2005 bedraagt de normrente in 2005 5%. Nu is besloten om het normpercentage met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2005 te verlagen tot 3,5%. Dat is het percentage van de heffings- en invorderingsrente in het eerste kwartaal van 2005, zonder de verhoging volgens het Belastingplan 2005.Vooruitlopend op de benodigde aanpassing van de Uitvoeringsregeling Loonbelasting keurt de staatssecretaris goed dat een werkgever voor het rentevoordeel uit renteloze- of laagrentende personeelsleningen voor het jaar 2005 een normpercentage hanteert van 3,5%.
Een eventueel rentevoordeel op een personeelslening vormt een zogenaamde vrije verstrekking en is dus niet belast voor zover de rente hoger is dan een normpercentage. Wanneer de bedongen rente lager is dan dat normpercentage vormt het verschil loon voor de betreffende werknemer. Met ingang van 2004 is het normpercentage gelijk aan het percentage van de heffings- en invorderingsrente voor het eerste kalenderkwartaal van een kalenderjaar. In 2004 was dat 3,5%. Vanwege de verhoging van de heffings- en invorderingsrente met een opslag van 1,5% volgens het Belastingplan 2005 bedraagt de normrente in 2005 5%. Nu is besloten om het normpercentage met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2005 te verlagen tot 3,5%. Dat is het percentage van de heffings- en invorderingsrente in het eerste kwartaal van 2005, zonder de verhoging volgens het Belastingplan 2005.Vooruitlopend op de benodigde aanpassing van de Uitvoeringsregeling Loonbelasting keurt de staatssecretaris goed dat een werkgever voor het rentevoordeel uit renteloze- of laagrentende personeelsleningen voor het jaar 2005 een normpercentage hanteert van 3,5%.