
Onder bepaalde voorwaarden kunnen meerdere ondernemers voor de omzetbelasting als één ondernemer aangemerkt worden. De voorwaarden betreffen de onderlinge financiële, organisatorische en economische verwevenheid van de ondernemers. Als aan de voorwaarden is voldaan is sprake van een fiscale eenheid voor de omzetbelasting. Meestal wordt aan de inspecteur om een beschikking gevraagd waarin een samenwerkende groep ondernemers als fiscale eenheid wordt aangemerkt, maar volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad is zo een beschikking geen constitutief vereiste voor de vorming van een fiscale eenheid. Als aan de gestelde voorwaarden is voldaan, worden ondernemers die zich als een fiscale eenheid gedragen als één ondernemer aangemerkt.
Het beroep van een ondernemer op de jurisprudentie van de Hoge Raad kon hem niet baten, aangezien zowel hij als de ondernemer met wie hij meende een fiscale eenheid te vormen zelfstandig aangifte deed voor de omzetbelasting en voor de onderlinge diensten facturen verstuurde met berekening van omzetbelasting. Binnen een fiscale eenheid wordt uiteraard geen omzetbelasting in rekening gebracht.