Navordering toegestaan na GAK-onderzoek bij echtgenoot van ondernemer
In het jaar 2000 deed GAK Nederland BV onderzoek naar de werkzaamheden van een persoon met een uitkering binnen de onderneming van zijn echtgenote. Het onderzoek was voor de belastingdienst aanleiding om navorderingsaanslagen inkomstenbelasting met boetes op te leggen aan de echtgenote omdat zij in de jaren 1996 tot en met 1999 ten onrechte de zelfstandigenaftrek had toegepast. Uit het GAK-onderzoek bleek namelijk dat de echtgenoot in de betreffende jaren maar zeer weinig uren had gewerkt. In de aangifte inkomstenbelasting was zelfstandigenaftrek geclaimd op basis van het verlaagde urencriterium van 875 uren voor ondernemers met een meewerkende echtgenoot. De meewerkende echtgenoot haalde echter de vereiste 525 uren niet, waardoor het verlaagde criterium niet van toepassing was. Er was geen vastlegging van de gewerkte uren, waardoor de ondernemer niet aannemelijk kon maken dat aan het urencriterium was voldaan. Hof Leeuwarden wees daarom het beroep tegen de navorderingsaanslagen af. Wel verminderde het Hof de opgelegde boetes in verband met de slechte financiële positie van het echtpaar. In 2005 hadden zij schulden van in totaal € 32.000 en een negatief zakelijk vermogen van € 10.000. Het netto maandinkomen bedroeg € 1.274, terwijl zij aan vaste lasten maandelijks circa € 900 betaalden. De boetes werden verlaagd tot 25% van de nagevorderde belasting.
In het jaar 2000 deed GAK Nederland BV onderzoek naar de werkzaamheden van een persoon met een uitkering binnen de onderneming van zijn echtgenote. Het onderzoek was voor de belastingdienst aanleiding om navorderingsaanslagen inkomstenbelasting met boetes op te leggen aan de echtgenote omdat zij in de jaren 1996 tot en met 1999 ten onrechte de zelfstandigenaftrek had toegepast. Uit het GAK-onderzoek bleek namelijk dat de echtgenoot in de betreffende jaren maar zeer weinig uren had gewerkt. In de aangifte inkomstenbelasting was zelfstandigenaftrek geclaimd op basis van het verlaagde urencriterium van 875 uren voor ondernemers met een meewerkende echtgenoot. De meewerkende echtgenoot haalde echter de vereiste 525 uren niet, waardoor het verlaagde criterium niet van toepassing was. Er was geen vastlegging van de gewerkte uren, waardoor de ondernemer niet aannemelijk kon maken dat aan het urencriterium was voldaan. Hof Leeuwarden wees daarom het beroep tegen de navorderingsaanslagen af. Wel verminderde het Hof de opgelegde boetes in verband met de slechte financiële positie van het echtpaar. In 2005 hadden zij schulden van in totaal € 32.000 en een negatief zakelijk vermogen van € 10.000. Het netto maandinkomen bedroeg € 1.274, terwijl zij aan vaste lasten maandelijks circa € 900 betaalden. De boetes werden verlaagd tot 25% van de nagevorderde belasting.