Navordering door niet uitvoeren lijfrenteclausule

In 1998 sloot iemand een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule. De premie daarvoor was aftrekbaar vanwege de lijfrenteclausule, die de verplichting inhield om met het op de einddatum vrijkomende kapitaal een lijfrente aan te kopen. De einddatum van deze verzekering was 1 december 2001. Op 12 september 2001 deelde de verzekeringsmaatschappij mee dat de polis op 1 december 2001 tot uitkering zou komen. De belanghebbende wilde de lijfrente in 2005, vanaf zijn 65e jaar, laten ingaan. De toegestuurde offerte accepteerde hij niet. In 2005 informeerde de belanghebbende bij zijn tussenpersoon naar de uitkering die hij na het bereiken van de 65-jarige leeftijd maandelijks zou krijgen. De tussenpersoon deelde mee dat de kapitaalverzekering nog steeds niet was omgezet in een lijfrenteovereenkomst. Op advies van de tussenpersoon verzocht de belanghebbende de inspecteur goed te keuren dat de lijfrenteclausule alsnog zou worden uitgevoerd. Dat had tot gevolg dat de inspecteur een navorderingsaanslag inkomstenbelasting oplegde over 2001 wegens het niet uitvoeren van de lijfrenteclausule. Naar het oordeel van Hof Arnhem was dat terecht omdat de belanghebbende niet had voldaan aan de voorwaarde dat de lijfrenteclausule binnen een redelijke termijn moet worden uitgevoerd.
In 1998 sloot iemand een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule. De premie daarvoor was aftrekbaar vanwege de lijfrenteclausule, die de verplichting inhield om met het op de einddatum vrijkomende kapitaal een lijfrente aan te kopen. De einddatum van deze verzekering was 1 december 2001. Op 12 september 2001 deelde de verzekeringsmaatschappij mee dat de polis op 1 december 2001 tot uitkering zou komen. De belanghebbende wilde de lijfrente in 2005, vanaf zijn 65e jaar, laten ingaan. De toegestuurde offerte accepteerde hij niet. In 2005 informeerde de belanghebbende bij zijn tussenpersoon naar de uitkering die hij na het bereiken van de 65-jarige leeftijd maandelijks zou krijgen. De tussenpersoon deelde mee dat de kapitaalverzekering nog steeds niet was omgezet in een lijfrenteovereenkomst. Op advies van de tussenpersoon verzocht de belanghebbende de inspecteur goed te keuren dat de lijfrenteclausule alsnog zou worden uitgevoerd. Dat had tot gevolg dat de inspecteur een navorderingsaanslag inkomstenbelasting oplegde over 2001 wegens het niet uitvoeren van de lijfrenteclausule. Naar het oordeel van Hof Arnhem was dat terecht omdat de belanghebbende niet had voldaan aan de voorwaarde dat de lijfrenteclausule binnen een redelijke termijn moet worden uitgevoerd.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u