Na verwijzing geen nieuwe geschilpunten
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Wanneer de Hoge Raad een uitspraak vernietigt en de zaak verwijst, is het afhankelijk van de verwijzingsopdracht in hoeverre het verwijzingshof de zaak moet behandelen. Als geen opdracht is gegeven voor een volledige behandeling zal het verwijzingshof de zaak meestal moeten behandelen in de stand waarin het geding zich vóór cassatie bevond. Dit heeft tot gevolg dat partijen in de procedure na cassatie geen nieuwe geschilpunten kunnen opwerpen. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p> </o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De belanghebbende in een procedure stelde zich voor het gerechtshof op het standpunt dat hij op 2 januari 1997 was geëmigreerd. Het hof stelde vast dat de belanghebbende in <?xml:namespace prefix = st1 ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:smarttags" /><st1:metricconverter w:st="on" ProductID="1996 in">1996 in</st1:metricconverter> Nederland woonde. Na verwijzing door de Hoge Raad betoogde de belanghebbende dat hij in 1996 niet in Nederland woonde. Dat was een nieuw geschilpunt, waarvoor in verwijzing geen ruimte was. Het verwijzingshof nam in zijn uitspraak op dat vóór cassatie niet in geschil was dat de belanghebbende in <st1:metricconverter w:st="on" ProductID="1996 in">1996 in</st1:metricconverter> Nederland woonde. Dat uitgangspunt gold ook voor de procedure na cassatie. Het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het verwijzingshof is door de Hoge Raad afgewezen.</P>