Margeregeling niet voor inkopen museumcollectie

De Wet op de Omzetbelasting bevat een bijzondere regeling voor handelaren in gebruikte goederen. Bij toepassing van deze zogenaamde margeregeling wordt de omzetbelasting berekend over het verschil tussen de verkoopprijs en de inkoopprijs van de handelaar. Een van de voorwaarden is dat de inkoop heeft plaats gevonden van iemand die geen ondernemer is of die ook kwalificeert voor toepassing van de margeregeling.

In een aantal gevallen mag de globalisatieregeling worden toegepast. In die gevallen wordt voor leveringen van goederen die onder hetzelfde tarief vallen de omzetbelasting berekend over de totale winstmarge in het aangiftetijdvak. De globalisatieregeling kan worden toegepast door handelaren in gebruikte vervoermiddelen en handelaren in voorwerpen voor verzamelingen.

 

Onderdeel van een fiscale eenheid voor de omzetbelasting was een BV die gebruikte auto’s inkocht die onderdeel uit gingen maken van een verzameling, die door een ander onderdeel van de fiscale eenheid in een museum  werden tentoongesteld. De fiscale eenheid bestond verder uit een aantal autobedrijven. Voor de handel in gebruikte auto’s door de fiscale eenheid werd de globalisatieregeling toegepast. De inkopen door de BV kwalificeerden als gebruikte goederen of als voorwerpen voor verzamelingen.

De margeregeling is opgenomen in de Btw-richtlijn. De richtlijn bevat de toevoeging dat goederen moeten zijn ingekocht met het oog op de wederverkoop. De Nederlandse wettekst bevat die zinsnede niet. De Nederlandse wettekst moet echter worden uitgelegd in overeenstemming met de bewoordingen en het doel van de richtlijn. Dat betekent dat ondanks het ontbreken van de genoemde zinsnede een handelaar bij inkoop van gebruikte goederen gericht moet zijn op de wederverkoop daarvan.

 

De fiscale eenheid was van mening dat zij als geheel als wederverkoper handelde, zodat de verschillende onderdelen van de fiscale eenheid niet afzonderlijk moesten worden bekeken. Dat standpunt zou ertoe leiden dat alle inkopen van gebruikte auto’s binnen de fiscale eenheid in de globalisatieregeling werden betrokken, ongeacht het oogmerk waarmee de auto’s werden ingekocht.

Dat standpunt is echter niet juist. Het effect van een fiscale eenheid is dat de onderlinge prestaties buiten de heffing van omzetbelasting blijven en dat de fiscale eenheid voor de bepaling van de verschuldigde belasting in de plaats treedt van haar onderdelen.

De BV kocht auto’s in om de museumcollectie te verbeteren en uit te breiden. De incidentele verkopen door de BV hadden hetzelfde doel. De rechtbank vond niet aannemelijk dat de inkopen waren gedaan met het oogmerk tot wederverkoop. Deze inkopen bleven daarom buiten de globalisatieregeling.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De Wet op de Omzetbelasting bevat een bijzondere regeling voor handelaren in gebruikte goederen. Bij toepassing van deze zogenaamde margeregeling wordt de omzetbelasting berekend over het verschil tussen de verkoopprijs en de inkoopprijs van de handelaar. Een van de voorwaarden is dat de inkoop heeft plaats gevonden van iemand die geen ondernemer is of die ook kwalificeert voor toepassing van de margeregeling. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">In een aantal gevallen mag de globalisatieregeling worden toegepast. In die gevallen wordt voor leveringen van goederen die onder hetzelfde tarief vallen de omzetbelasting berekend over de totale winstmarge in het aangiftetijdvak. De globalisatieregeling kan worden toegepast door handelaren in gebruikte vervoermiddelen en handelaren in voorwerpen voor verzamelingen. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Onderdeel van een fiscale eenheid voor de omzetbelasting was een BV die gebruikte auto’s inkocht die onderdeel uit gingen maken van een verzameling, die door een ander onderdeel van de fiscale eenheid in een museum<SPAN style="mso-spacerun: yes">&nbsp; </SPAN>werden tentoongesteld. De fiscale eenheid bestond verder uit een aantal autobedrijven. Voor de handel in gebruikte auto’s door de fiscale eenheid werd de globalisatieregeling toegepast. De inkopen door de BV kwalificeerden als gebruikte goederen of als voorwerpen voor verzamelingen. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De margeregeling is opgenomen in de Btw-richtlijn. De richtlijn bevat de toevoeging dat goederen moeten zijn ingekocht met het oog op de wederverkoop. De Nederlandse wettekst bevat die zinsnede niet. De Nederlandse wettekst moet echter worden uitgelegd in overeenstemming met de bewoordingen en het doel van de richtlijn. Dat betekent dat ondanks het ontbreken van de genoemde zinsnede een handelaar bij inkoop van gebruikte goederen gericht moet zijn op de wederverkoop daarvan. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">&nbsp;</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De fiscale eenheid was van mening dat zij als geheel als wederverkoper handelde, zodat de verschillende onderdelen van de fiscale eenheid niet afzonderlijk moesten worden bekeken. Dat standpunt zou ertoe leiden dat alle inkopen van gebruikte auto’s binnen de fiscale eenheid in de globalisatieregeling werden betrokken, ongeacht het oogmerk waarmee de auto’s werden ingekocht. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Dat standpunt is echter niet juist. Het effect van een fiscale eenheid is dat de onderlinge prestaties buiten de heffing van omzetbelasting blijven en dat de fiscale eenheid voor de bepaling van de verschuldigde belasting in de plaats treedt van haar onderdelen. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De BV kocht auto’s in om de museumcollectie te verbeteren en uit te breiden. De incidentele verkopen door de BV hadden hetzelfde doel. De rechtbank vond niet aannemelijk dat de inkopen waren gedaan met het oogmerk tot wederverkoop. Deze inkopen bleven daarom buiten de globalisatieregeling.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u