Looptijd 30%-regeling voor inwoner van België ving aan op 1 januari 2001
Een inwoner van België met de Belgische nationaliteit werkte sinds 1995 als verkeersvlieger voor een in Nederland gevestigde werkgever. Destijds werd geen toepassing van de 35%-regeling aangevraagd, omdat de belanghebbende volgens de wetgeving niet als werknemer werd aangemerkt. Met ingang van 1 januari 2001 is de wetgeving gewijzigd en is ook een persoon, die niet in Nederland woont en die zijn dienstbetrekking geheel buiten Nederland vervult, werknemer in geval hij werkzaam is aan boord van een luchtvaartuig in het internationale verkeer van een in Nederland gevestigde onderneming. Nederland kreeg pas met de inwerkingtreding van het nieuwe belastingverdrag met België per 1 januari 2003 het heffingsrecht over dergelijke inkomsten. De verkeersvlieger diende een verzoek in om toepassing van de 30%-regeling. De inspecteur stond dat toe maar beperkte de duur met de periode waarin de dienstbetrekking voor 1 januari 2001 had bestaan. Hof Den Bosch was het daarmee niet eens. Omdat de verkeersvlieger per 1 januari 2001 als werknemer werd aangemerkt kon hij pas per die datum als ingekomen werknemer in de zin van de 30%-regeling worden aangemerkt. Pas vanaf die datum kon voor hem de 30%-regeling worden aangevraagd. Het Hof was van oordeel, dat de normale looptijd van de 30%-regeling op die datum was begonnen en dus eindigde op 31 december 2010. Er hoefde geen korting met eerdere jaren van tewerkstelling plaats te vinden.
Een inwoner van België met de Belgische nationaliteit werkte sinds 1995 als verkeersvlieger voor een in Nederland gevestigde werkgever. Destijds werd geen toepassing van de 35%-regeling aangevraagd, omdat de belanghebbende volgens de wetgeving niet als werknemer werd aangemerkt. Met ingang van 1 januari 2001 is de wetgeving gewijzigd en is ook een persoon, die niet in Nederland woont en die zijn dienstbetrekking geheel buiten Nederland vervult, werknemer in geval hij werkzaam is aan boord van een luchtvaartuig in het internationale verkeer van een in Nederland gevestigde onderneming. Nederland kreeg pas met de inwerkingtreding van het nieuwe belastingverdrag met België per 1 januari 2003 het heffingsrecht over dergelijke inkomsten. De verkeersvlieger diende een verzoek in om toepassing van de 30%-regeling. De inspecteur stond dat toe maar beperkte de duur met de periode waarin de dienstbetrekking voor 1 januari 2001 had bestaan. Hof Den Bosch was het daarmee niet eens. Omdat de verkeersvlieger per 1 januari 2001 als werknemer werd aangemerkt kon hij pas per die datum als ingekomen werknemer in de zin van de 30%-regeling worden aangemerkt. Pas vanaf die datum kon voor hem de 30%-regeling worden aangevraagd. Het Hof was van oordeel, dat de normale looptijd van de 30%-regeling op die datum was begonnen en dus eindigde op 31 december 2010. Er hoefde geen korting met eerdere jaren van tewerkstelling plaats te vinden.